Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eigen geestelijk leven tijdens den winter dan tijdens den zomer. En als men zich in die verhoudingen inleeft, dan maakt men de wisselingen mede van het etherische zomer* winter*leven : dan leeft men een geestelijk leven mede, dat in zekeren zin te vergelijken is met hetgeen de mensch beleeft bij den overgang, die plaats grijpt bij inslapen en ontwaken. (Binnen het bestek dezer korte uiteenzettin* gen kan niet aangetoond worden, dat de geschilderde gebeurtenissen niet in tegenspraak zijn met de bewegingen van het aardlichaam. Wie de geesteswetenschap nader bestudeert, zal spoedig inzien, dat opmerkingen als de volgende van weinig beteekenis zijn: ja, maar de aarde

draait toch, enz. —).

Zoo leert men inzien, hoe bepaalde wezens in den winter niet met de aarde verbonden zijn. maar slechts in de kosmische omgeving der aarde vertoeven, hoe die wezens in het voorjaar neerdalen op de aarde, zich met het plantenleven verbinden en een zekere soort van rust ge* nieten door het feit, dat ze zich met het leven der aarde verbinden. De rust, welke die wezens in het binnenste der aarde vinden, zij werkt, als gevolg van de omstandig* heid, dat het geestelijke zich met de aarde verbonden heeft, opwekkend in het leven van de aarde zelf; en in den winter bezit de aarde zelf als wezen iets als een herinnering aan dit zomersche samenzijn met wezens van de wereldruimte, die buiten de aarde ligt. Datgene, waarvan men het bestaan anders in het geheel niet zou vermoeden, openbaart zich aan het geesteswetenschappelijk inzicht uit de natuur, die ons omgeeft; het is alsof men plotseling kon hooren en uit de trillende snaar de klanken* massa hoorde opklinken, die men vroeger, omdat men doof was, niet kon waarnemen. Men leert het etherische leven kennen. Dit etherische leven toont aan, dat bepaalde wezens uit de omgeving der aarde, die met andeie hemellichamen verbonden zijn, zich gedurende den zomer met de aarde verbinden en gedurende den winter zich

Sluiten