Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

delijken leeraar uitgaat, gering is." Maar met verlof, dit zijn geen gevolgen van te vroeg beginnen, van den jeugdigen leeftijd der leerlingen, maar van het onverstand van den docent, die van vakleeraar vakmachine zou geworden zijn. Om het eens eenigszins paradoxaal te zeggen: op zich zelf is er niets tegen aan een kind van zeven of acht jaar vakleeraren te geven, mits deze menschen maar verstandige docenten zijn. Het eenig gevolg zou hier immers zijn, niet dat er geen goed onderwijs kón gegeven worden, maar dat het allergrootste deel van de kennis der docenten eenvoudig improductief zou moeten blijven.

Ook de overigens van zelf sprekende onderscheiding van lagere en hoogere klassen kan niet helpen. Daar zit het ook al niet in. De Commissie spreekt van de geringe paedagogische kracht van slechts voor één enkel onderdeel verantwoordelijke leeraren (p. 180), die gevaar loopen ,,te veel op hun eigen vak te gaan letten en zulk een vak hooger opvoeren, dan met het oog op den leeftijd der leerlingen en de eischen der school als geheel, bestaanbaar is." (p. 128). Maar zulke groote gebreken, die voor de lagere klassen gevreesd worden, vallen toch niet weg enkel door het feit dat een docent in een hoogere klasse optreedt. Integendeel, er is alle kans dat die gebreken gaandeweg nog verergeren, omdat de leeraar daar nu eens vrijelijk de kleine wieken kan uitslaan en zijn volle eischen opleggen met een grooten schijn van recht. De Commissie meent zeker wel niet dat de vermelde groote gebreken in een hoogere klasse er minder toe doen.

Ten slotte, er is hier zoo iets als een verborgen fataliteit. Ik vraag: wat hier gevreesd wordt voor welke klasse dan ook, is het niet bijna onvermijdelijk? Men kan wel gemakkelijk afkeuren dat een docent zich slechts verantwoordelijk gevoelt

Sluiten