Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was) een nieuwe scheen al vrij wel gereed. Tal van bundels der Hibbert- en der Giffordlectures, naast het uitnemende materiaal dat zij brachten, gingen van dergelijke illusies uit. Door hierbij van overmoed te spreken zien wij niet voorbij welke diensten de wetenschap vaak te danken heeft aan voorbarig bouwen van stelsels. Maar de tijd komt dat die gebouwen niet meer dienen, men andere ontwerpt, of ook wel minder bang is voorloopig in de open lucht te kampeeren. De oude werkhypothesen hebben uitgediend. Zoowel de methode der comparatieve natuurmythologen, als vooral ook de meening dat de evolutieleer de raadselen der historie oplost: met eervolle vermelding van de indertijd bewezen diensten zijn zij bijgezet in het museum der afgeleefde ideeën.

Heeft dan de christelijke theologie recht en reden zich hierin als in een bankroet te verheugen en oude scolastische paden te bewandelen? Zullen wij met den ouden Nagelsbach, verdienstelijk in zijn dagen zonder twijfel, nu maar weer de Homerische theologie ordenen naar gezichtspunten aan de christelijke leer ontleend? Stellig niet. Maar evenmin willen wij een „Umwertung der Werte" toepassen, b. v. in onze belangstelling de hoogere vormen achterstellen bij de lagere. Daarbij zag men vaak juist het eigenaardige voorbij, speurde overal gewoonten en ideeën van wilden, was blijde te kunnen

Sluiten