Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weer1) wordt gezegd: „In ons systematisch deel behoort een en ander nader te worden toegelicht" (en dat nog wel ook bij de door Dr. Ubbink aangehaalde citaten), afgezien daarvan nog, vragen wij ons af, of Dr. Ubbink, als wetenschappelijk man, uit de inleiding van dit werk wel zinsneden tot staving van zijn beweringen bieden mag 1

Dit werk toch wil een philosophie der religie bieden. En het object der „Religionsphilosophie" blijkt het religieuse ieven, kennen en denken der menschheid in den algemeensten zin, dus dat der oude en der nieuwe, der natuurlijke en der herboren menschheid. (p. 38.)

Is het dus wel recht, dat uit dit werk aanhalingen worden gedaan om te doen zien wat Dr. de Hartog omtrent een of ander dogma belijdt?

Dient het daarin geschrevene niet voor een geheel ander doel?

En zijn de aanhalingen daaruit, geplaatst in de door Dr. Ubbink gegeven omlijsting, niet geheel verkeerd belicht?

Al doorvoelen wij zulks beter dan wij het vermogen te zeggen, vooralsnog kunnen wij niet anders zien dan dat ook

deze vragen in Dr. Ubbinks nadeel moeten worden beslist.

^ $

*

Ten slotte tot U, lezer, een enkel woord.

Voor tweeërlei dwaling willen wij U hoeden.

Eerstens voor die, dat ge ons van zelf-overschatting verdenken zoudt.

Wij weten maar al te goed nog slechts aan de poort te staan, vanwaar ook wij echter wijde verte lichten zien. Maar .... als de waarheid wordt aangetast en wijzeren zwijgen, dan moet in zwakke kracht het werk volbracht.

En ten tweede, dat ge meenen zoudt nu eens precies te weten, wat de Hartog omtrent de vele aangeroerde problemen leert.

') Aan de citaten uit „Wetenschap, Godsdienst, Geloof" gaan wij, om begrijpelijke redenen, voorbij.

Sluiten