Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moet dan ernstig worden bestreden, maar... van het ware verborgen geestelijk leven, dat uit en met een Drieënig-God is, van de oefeningen des geloofs, en de verborgenheid der godzaligheid, van de ware mystieke unie met Christus hoort men vaak niet. En als men er op wijst, als de vinger op de wonde wordt gelegd, als nog wordt voorgehouden, dat wie zich behouden wil weten, zich eerst als een verlorene zal hebben moeten leeren kennen; als men het verbond der genade in zijn beteekenis en kracht niet half maar heel wil prediken, d.w.z. dat men nooit de kracht en beteekenis van zulk verbond kan verstaan, tenzij men ook en eerst geleerd heeft, dat het eerste verbond dat der werken moedwillig door ons is verbroken, en we dies nu midden in den dood liggen, zoodat genade alleen door genade kan gekend en verheerlijkt worden; dan, ja dan klinkt al spoedig hier en daar en waar niet al in onze dagen het geroep op: houd op, doe ons geen pijn, spreek ons zachte dingen, spreek ons van vrede en geen gevaar.

o, Dat toch als Gods knechten de bazuin aan den mond zetten. Boanergessen, komt uit; God eischt het. Beter dat de mensch zich zoogenaamd beleedigd gevoeld, dan dat God zou onteerd worden.

Als er thans geen reden en plaats is voor zulk een taak in ons hedendaagsche christendom, ai mij, wanneer, ja wanneer en waar dan?

Wie bij het hooren en lezen dezer dingen nu vrij voor zijn God kan uitgaan, hij danke er in verootmoediging God voor; maar hij legge deze dingen toch niet naast zich neer. Want vooreerst, och wie is niet min of meer besmet in onze dagen met den boozen tijdgeest. En voorts; hij bedenke dat we ten deze een roeping hebben, ook jegens onze mede-reizigers naar de eeuwigheid; en dat zeer wel mogelijk uw metgezel naast u in kerk en bedehuis ten deze voorwerp van uw christelijke plichtsbetrachting kon zijn; en dewelke wel eens hierin zou kunnen bestaan, dat ge . .. uit den aard der liefde eens ter wille van Gods eer, en van der ziele zaligheid van deze dingen met hem gingt handelen. En eindelijk nog een derde reden, waarom we 't niet naast ons mogen neerleggen. Daar waar de vreeze Gods door genade nog aanwezig is, daar waar ook in eigen kerkelijk leven Gods oog over zijn planting waakt; laat ons niet vergeten, dat de kwaal hierboven geteekend zoo zeer aanstekelijk is. Niet zonder groote

Sluiten