Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

symbool1). Voor het laatste meen ik eigenaardige gegevens te kunnen aanwijzen, die ik echter elders hoop te behandelen. Ook de melkweg, via lactea is in deze functie van verbinding tusschen hemel en aarde zeer goed bekend: ea vita (nl. iusta et pia) via est in caelum et in hunc coetum eorum, qui iam vixerunt et corpore laxati illum incolunt locum, qnem vides . . ., quem vos, ut a Grais accepis/is, orbem lacteum nuncupatis". 2)

In dit laatste is de voorstelling echter van een minder groote praegnantie : het zijn de beelden die zoowel voor de gebieden der divinatie, van droomen en dgl., als voor den descensus van de menschelijke ziel uit den hemel en den ascensus of reditus van de ziel ten hemel van een buitengewone beteekenis zijn geworden. 3)

Hun grootste intensiteit krijgen al deze voorstellingen m.i. echter eerst daar, waar begin en einde van het menschelijk leven, waar geboorte en dood in onmiddellijk contact worden gesteld met en worden afgeleid van de vereeniging van hemel en aarde, van Hemelgod en Aardgodin.

Deze vereeniging is, zoo wil mij voorkomen, van centrale beteekenis eenerzijds voor het mysteriëngeloof althans in Griekenland (en Italië), anderzijds voor de voorstellingen het gezinsleven betreffende bij enkele Indogermaansche volken. Is dit betoog aannemelijk, dan is daarmee tevens de draagkracht van de methodologische veronderstelling, waarvan ik uitging, in het algemeen aangetoond.

') Ik denk hier aan de (en vandaar weer Secrtijv, Sirene, oorspr.

een Doodsdaemon, zoo ook H. Güntert, Aalypso 173 sq. althans voor het morphologische probleem), lat. funis, ora.

2) Cic. Somn. Scip. § 16 (resp. 8).

3) Zeer zeker komt later het speelsche element hierbij, bijv. waar Euripides Bacch. [243], 287, 293, 297 Dionysos öfitiQo* ,,gijzelaar betitelt, om door een caesuur ó het aition te verkrijgen, waarom de ongeboren „jonge god" in de dij (/iiï(to$) van Zeus werd ingenaaid tot zijn geboorte toe.

Sluiten