Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

KOOR.

Ver yan hier,

Ver van hier,

O, denk aan dat Huis ver van hier, ver van hier, ver van

(hier, ver -*an hier, O, denk aan het Huis ver van hier,

2 De zaalgen zijn nu ver van hier,

Zij, ook zij traden eenmaal deez' aard,

Maar tha'13 staan ze onder Gods heilbanier,

Waar nimmermeer leed hen bezwaart.

Ver van hier.

8. Ik zoek nu mijn heil ver van hier,

In het land van die heerlijke rust.

Och, wanneer vlied ik 't aardsche getier,

Vlieg ik heen naar die zalige kust!

Ver van hier.

4. Weldra ben ik ook ver van hier,

Ja, ik zie reeds het eind van de reis,

En zoo menigen vriend, mij zoo dier',

Die mij wacht in het hemelsch paleis.

Ver van hier.

NEEN, NIETS ONREINS.

XXIX.

1- "XTEEN niets onreins kan ooit bestaan,

_l_i Voor God in heerlijkheid ;

Zijn heilig oog verduurt geen smel,

Geen smet in eeuwigheid.

KOOR.

Neen, niets onreins, woont bij den lieer;

Neen, niets onreins.

Neen, niets onreins.

2. Neen, niets onreins kan tusschen U En mij bestaan, o Heer O, Jezus, kom, woon steeds in mij:

Dan kwelt geen zonde meer

Sluiten