Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ziel en trad voor mij in bij den Vader; daar mocht ik mij laten zakken en zinken op zijne borggerechtigheid. Ik zag door het geloof dat hij voor al mijne zonden voldaan had en dat ik nu vrede had met God, ja dat al mijne zonden waren weggenomen. Ik voelde een vrede Gods in mijne ziel die alle verstand te boven ging, en toen ik uit de keik kwam, riep ik uit; „ik leef, doch niet meer „ik, ( hristus leeft in mij, en hetgeen ik nu leef, „dat leef ik door het geloof des Zoons van God." Ik zag de huizen aan, en het scheen mij toe, als had alles eene andere gedaante; alles was roet mij >e\redigd. ATu was ik het eigendom van Christus en door Zijne gerechtigheid met God verzoend, loen ik te huis kwam, zaten er twee vrome menachen aan ons huis, wien ik verhaalde wat mij te beurt gevallen was. Zij waren met mij verblijd ; maar eer het tien uur was, week mijne levendigheid van mij en kwam de satan op mij af om mij te bestrijden. Daar verloor ik mijne sterkte. Mijn geheugen verliet mij wel niet; ik wist wel wat er ge leurd was, maar trok er geene sterkte uit. Dat duurde tot den volgenden dag. Des avonds mocht

fV1 T verborgene nederleggen en zeggen : „och Heere Jezus zijt gij nu mijn Borg en ben „ik nu met den \ader bevredigd, mocht Gij het „dan nader aan mij bevestigen." Toen kwamen deze woorden mij met kracht voor den geest: „Ik u lief gehad met eenige eeuwige liefde, daarom heb ik u getrokken met koorden van goedertierenheid. Daarop werd ik teruggeleid langs den ganschen weg, dien de Heere met mij gehouden

Sluiten