Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Iets va.n deze objectief-boeiende liefdemacht spreekt evenzoo in bloed en maa-gscliap. Niet altoos waarneembaar. Soms uiterst zwak. Maar in het algemeen kan men toch zeggen, dat het bloed trekt, en dat ouders en kinderen, broeders en zusters, buiten alle overlegging om, door zekere mystieke macht, die in het bloed wortelt, worden saamgehouden. Geheel het gezinsleven en geheel het familieleven wortelt in deze uit het bloed opkomende liefde.

En met deze uit het bloed opkomende liefde als beeld, openbaart ons nu de Heilige Schrift, dat de Christus alle personen, op wie hij beslag leg*t, wier" innerlijk zielsbestaan hij vermeestert, en die liij in zijn mystiek Lichaam inlijft, bindt in oen broederband, die wortelt niet in het bloed, maar in hem, en in den Geest dien. hij in de zijnen uitstort.

Hierbij is alzoo geen sprake van banden der liefde die w ü knoopen, noch van een liefde die van ons uitgaat, maar Van een band, die om onze harten wordt geslagen, soms zelfs buiten ons weten. Juist zooals het met den broederband in het gezin is. Ge kiest uw ouders, ge kiest uw broeders en zusters niet. Ge vindt ze," cn tegelijk voelt ge den band des bloeds die u aan hen verbindt. En zoo nu ook kiest gij uw broederen in Christus niet, maar Christus kiest ze voor u, en hij legti den bandjdie/u aan hen verbindt, en dit nu noemt de Heilige Schrift: de broederlijke liefde. Alzoo een geestelijke kracht, die in u werkt, en wel een mystieke kracht, omdat ze niet van uw kennen of' willen afhangt, en beslag op u legt, of ge . het goed vindt of niet.

Van dit alles bestaat nu natuurlijk niets voor hen, die in Jezus alleen een idealen zedeleeraar begroeten, of hem alleen: eeren als een godsdienststichter, die, na. geleefd en gewerkt te hebben, stierf, en dus' nu ophield rechtstreeks te werken. Maar die mystieke kracht! bestaat wel terdege voor een iegelijk, die weet. dat de Christus leeft, als Koning troont in heerlijkheid, en van dien troon zijner majesteit, voor als na, over T^enschehharten beschikt en er in uitstort wat hij wil.

Dat is de „broederlijke liefde" in den eerstbedoelden, objectieven zin, die als een macht in het leven optreedt. En daaraan moest nu natuurlijk steeds de „broederlijke liefde", in subjectieven zin, onzerzijds beantwoorden.

Doch dit is niet zoo. Veeleer ziet ge, evenals in het gezin onzer broeders en zusters, zoo ook in dit groote gezin van den Christus, dat broedertwist aan de broederlijke liefde vaak het uitkotoen belet, dat er niet zelden nijd en haat voor liefde opkomt, en dat, ze soms zelfs elkander verbijten en vereten. En in dit verband kan het niet! anders, of bij een individualistisch geteekend volk als het onze, zal ook onder de Christenen in den lande telkens weer verdeeldheid, Rechthaberei, naijver, en benijding den boozen kop opsteken, en verdeelen wat saamhoort. Uit oüde dagen, en uit onze jongste historie, liggen de voorbeelden er van voor het grijpen.

Bleef het daar nu bij, zoo waren we onherroepelijk verloren, en zou de pijlbundel met het „eendracht maakt macht" ons tot carricatuur worden. Soms schijnt 't zelfs of bet zoo is. En ongelooflijk veel kracht is onder de Christenen ook ten onzent door dit individualisme1 te loor gegaan.

Leefde nu de Christus.niet, lieerschte hij niet, en greep hij niet gedurig in, dan zou onze zaak verloren zijn.

Maar onze Koning leeft en heerscht, houdt vat op de harten, en buigt ze, als zijn ure gekomen is, naar zijn wil.

En dan zag men telkens dit. wondere mystieke verschijnsel, dat, evenals onder broeders en zusters van hetzelfde gezin het bloed in

Sluiten