Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gezag, met de rechtspraak, met de wederzijdsche plichten van de burgers onderling. In dit alles klonk van de oorspronkelijke orde nog" wel iets na, maar zwak en in verval schten toon. bn daartegenover nu leerde Christus ons de oorspronkelijk ingestelde orde weer in haar zuiverheid kennen, en riep de straks te kerstenen volken op, om die oorspronkelijke instellingen te doen herleven in volle kracht. IJet verschil tusschen wat destijds in het buitenland bestond, en sinds in het Christenland ontstond, bestaat dan ook hierin, dat de vervalsching van die instellingen allengs werd uitgebannen, en dat haar oorspronkelijk karakter weer opleefde. Niet plotr seling, maar van lieverlede.

In de vierde plaats gaf Christus ons een richtsnoer voor de ontwikkeling van den vorm, waarin het leven telkens afwisselend optreedt. In de historie blijft de vorm van het leven niet steeds dezelfdeHet leven neemt, als gevolg van de wisselende omstandigheden, gedurig een nieuwen vorm aan, en in dien nieuwen vorm moeten telkens de onveranderlijke beginselen hun belichaming vinden. Op zich zelf kan die vervorming van tweeërlei aard zijn. Ze kan geschieden, hetzij door den nieuwen vorm steeds meer van de oorspronkelijke instelling te vervreemden, hetzij door die oorspronkelijke instelling er steeds meer in tot haar reclit te doen komen, l^n dit laatste nu heeft alleen de Christus ons mogelijk gemaakt.

In de v ij f d e plaats heerscht in elke orde van zaken een geest, die den toon aangeeft. Die geest nu kan zinnelijk, kan wereldsch kan egoïstisch, kan menschelijk hoogmoedig zijn, en dan gaat t al achteruit. Maar Christus die als Koning heerscht, omdat alle dmgen hem overgegeven zijn van den Vader, inspireert in dit alles z ij 11 o-eest den geest der zuiverheid, den geest der onderworpenheid aan God, 'den geest der liefde, den geest der nederigheid, den geest van

het heilig ideaal. . , . ,

En in de zesde plaats, om dit alles te bereiken, sticht Christus zijn Kerk, schuift die in het' leven der volkeren in, en wil dat die Kerk, door geen menschenband gebonden, vrij en onbelemmerd haar invloed op het leven der volken .kunne doen werken. En daarom eischt Hij voor die Kerk haar plaats in het publieke recht en de volle vrijheid om overeenkomstig haar aard te bestaan en te werken.

Wat nu tegen deze zes motieven van Christus ^ in\ loc'ö op cie wereld ingaat, noodzaakt allen die hem als hun Koning belijden, het voor die motieven op te nemen, ze weer tot kracht te biengen, en haar heerschappij in het volksleven te herstellen.

Vandaar de noodzakelijkheid ook in onzen tijd, om, nu deze geestelijke actie van den Christus op alle zes punten miskend en weerstreefd wordt, er weer als georganiseerde macht voor op te komen, en niet af te laten, eer de eere van den Christus weer in haar vollen omvang, op elk gebied des levens, zij hersteld.

Sluiten