Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bepaald uitspreken moeten,) noemen wij de leiding des Heiligen Geestes bij de bekeering des zondaars. Zullen alle ware vromen de noodzakelijkheid van zulk eene werkingvolgens het Woord en hunne eigene bevinding, erkennen, om hen, uit gezigt van algeheele behoefte, Christus te doen noodig zien, begeeren en aannemen, tot schuldvergeving, vernieuwing en heiliging; omtrent de wijze bestaat vaak treurig, de liefde-stoorend, verschil. Sommige, meestal zeer onkundige, maar overigens vaak opregt Godvreezende menschen , hebben hun bekeeringsbegrip ontleend uit een of ander verkeerd of verkeerd begrepen menschelijk boek; of zij maken de ondervinding van zich zelve of van dezen of genen hooggeachten vrome, tot model, waarnaar zij die van anderen afmeten. Volgens dezen maatstaf wordt nu voor elke ware bekeering bepaald een tijd, trap en wijze van schuldgezigt helleangsten, bekommering, verruiming, aanvallen daarop volgende, enz. Treffen zij nu bij anderen eenig merkbaar verschil in leiding of bewerking aan, dan is dit hun een grond om de echtheid daarvan te betwijfelen of onbepaald te ontkennen. En het gevolg is, dat de veroordeelde broeder van eene hoogte met verachting wordt beschouwd, en dat de broederlijke gemeenschap en zamenwerking in den strijd met hem wordt afgebroken. — Anderen, meergeoefend en ontwikkeld ook in geestelijke kennis, weten ook , dat er eene werking des Heiligen Geestes noodig is, maar tevens, dat die Geest vrijmagtig, met wijsheid, naar elks toestand en omstandigheden, op geheel verschillende wijzen elk1 geloovige op den éénen weg naar den Hemel brengt; maar zien nu vaak te zeer uit de hoogte op de eerstgenoemde als op eigenzinnige, liefdelooze, redelooze en onverstandige drijvers nedei , en willen dus van gemeenschap en zamenwerking met hen niet weten.

Tot de eersten der genoemden zeggen wij: lieve vrienden! ziet toch wel toe, dat gij de orde in eene zoo gewigtige zaak niet omkeert, door uw geloof of geloofsmaatstaf te ontleenen aan feilbare menschen in plaats van aan het onfeilbaar Woord van God. Gij hebt toch wel gelezen, dat er staat, 1 Cor. 12: 6. „daar is verscheidenheid van werking," en vs. 11. dat „de Geest deelt aan een'ieder in het bijzonder gelijk Hij wilen dan moogt gij immers in die bijzaken of' leidingen geene e'e'nheid vorderen , of om verschillen in deze, iemand veroordeelen ? Gij hebt wel gelezen de bekeerino-sgeschiedenissen in den Bijbel, van Manasse, 2 Kron. 33

Sluiten