Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

protestantsche kerk zoo goed als verdwenen. Wie niet tot Rome hadden willen terugkeeren, waren omgebracht of zwierven als ballingen rond. Tilly en Pappenhei m veldheeren van den Roomschen keizer Ferdinand II, hadden overal gezegevierd. Bovendien had de keizer aan Wallenstein, hertog van Friedland, toegestaan, om op eigen gelegenheid de Protestanten te beoorlogen. Hij was Duitschland in alle richtingen moordend en plunderend doorgetrokken. De protestantsche staten, zooals Saksen en Brandenburg hielden zich nog met moeite staande.

Zou aan Ferdinand II gelukken, wat Karei V mislukt was? Neen, de hervorming was een werk Gods en dat kunnen menschen niet breken!

Gustaaf Adolf, koning van Zweden, achtte zich van God geroepen tot de taak, om zijn Duitsche geloofsgenooten te bevrijden, en zelfs het Roomsche Frankrijk moest meewerken, om die onderneming te doen slagen. Opdat de Keizer niet te machtig zou worden, gaf Frankrijk aan Zweden groote sommen gelds.

In 1530 landde Gustaaf met zijn leger op de Duitsche kust. In dat leger heerschte strenge krijgstucht: Hij was niet gekomen, om te vervolgen en te plunderen, maar om te bevrijden, 't Misbruik van Gods Naam en alle ondeugden werden streng geweerd. Daar was gebed en lofzang. ,,In 't Zweedsche leger kan men zalig worden, maar niet rijk", zei men.

Overwinnend trok Gustaaf Adolf voort. Waar hij kwam werd hij door het volk als redder ingehaald, en de voorspoed zou nog grooter geweest zijn, als de Evangelische Vorsten niet uit vrees geweifeld hadden, om hem krachtig te helpen. Nu ging door hun schuld Maagdenburg verloren, dat door de keizerlijke veldheeren verwoest werd. Eerst toen Tilly in Saksen viel en Leipzig innam, verwachtte men algemeen alleen van koning Gustaaf redding, en sloot men zich bij hem aan. Nu trok deze

Sluiten