Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de opvoeding om de oogen van het kind te openen voor dat schoone, ware en goddelijke. De oogen openen is tevens de ziel openen.

Het ongeloof ten gevolge van vervreemding van zich zelf, van het leven in ,,de wereld" en van het leven in ,,de zonde"

Ik kom tot een andere groep „ongeloovigen". Prof. Hoekstra wijst er in zijn „Bronnen en Grondslagen van het Godsdienstig geloof" op, dat wij ons niet zullen verbazen over het betrekkelijk kleine getal dergenen, die waarlijk en in ernst gelooven aan de onzienlijke wereld, als wij maar opmerken, dat het leven van betrekkelijk de meesten bijna geheel opgaat in het denken over en handelen voor zinnelijke en voorbijgaande belangen en dat er bij dezen geen wezenlijke beweging is in hunne inwendige wereld. Bij de zoodanigen nu zal allicht zulk eene vervreemding van hen zelve ontstaan, dat hun, waar het vragen geldt die op de onzienlijke wereld betrekking hebben, niet veel anders rest dan of te gelooven enkel op gezag of zich er in 't geheel niet meer om te bekommeren, wat feitelijk hetzelfde is als niet te gelooven. Ik denk aan staatslieden, wier onverdeelde aandacht en belangstelling in beslag genomen wordt door de ingewikkelde staatsbelangen ; aan hen, die eergierig haken naar hooge maatschappelijke rangen ; aan al de gevierde talenten, die zich door de wierook van hulde en vereering laten bedwelmen ; aan mannen, te zeer met hart en ziel aan de belangen van hun stoffelijk bedrijf verbonden ; aan beoefe-

Sluiten