Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

14. Wie kwam Abraham op zijn terugtocht tegemoet ?

Melchizédek, de koning van Salem, aan wien Abraham de tiende gaf uit den buit. Gen. 14:18—20.

TIENDE LES.

Abrahams verdere leven.

1. Had Abraham ook kinderen?

Eerst niet, maar later kreeg hij twee zonen: Ismaël en Izak.

2. Was Ismaël een zoon van Sara, Abrahams huisvrouw?

Neen; hij was de zoon van de dienstmaagd Hagar, die Sara aan Abraham tot eene bijwijf gaf. Gen. 16:1—4.

3. Uit wie is Izak geboren?

Izak is, naar de belofte Gods aan Abraham, uit Sara geboren. Gen. 17 : 15—19.

4. Hoe oud waren Abraham en Sara, toen Izak geboren werd?

Abraham was honderd, en Sara negentig jaren oud, toen hun Izak geboren werd. Gen. 17:17.

5. Wie deelden in het verbond, dat God met Abraham heeft opgericht?

Zijn zoon Izak en diens nakomelingen, uit wie ook de Messias zou voortkomen. Gen. 17:21.

6. Zijn Hagar en haar zoon Ismaël in Abrahams huis gebleven?

Neen; Ismaël bespotte Sara, waarom Abraham Hagar en haar zoon op Gods bevel uit zijn huis verwijderde. Gen. 21 : 9—14.

7. Welke instelling gaf God aan Abraham?

De instelling der besnijdenis. Gen. 17:9—14.

Sluiten