Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

15. Weet men ook waar Mozes begraven is? Neen; want er staat: „En niemand heeft zijn graf geweten tot op dezen dag." Deut. 34:6.

EENENTWINTIGSTE LES.

Intocht en verovering1 van Kanaan.

1. Wie heeft de Israëlieten in Kanaan gebracht? ^ Jozua, de zoon van Nun, Mozes' opvolger. Jozua

2. Waar zijn zij over de Jordaan gegaan ? Tegenover Jericho, nadat Jozua het land en Jeri-

cho had laten verspieden. Jozua 2:1.

3. Welke vrouw in Jericho heeft zich bij Israël verdienstelijk gemaakt ?

Rachab ; omdat zij de verspieders heeft geherbergd en doen ontkomen. Jozua 2 : 2—24.

4. Hoe is zij daarvoor beloond?

De Israëlieten spaarden haar en allen, die in haar huis waren, toen Jericho ingenomen werd. Jozua 6:17.

5. Hoe zijn de kinderen Israëls binnen Kanaan gekomen ?

De Heere scheidde de wateren van de Jordaan en zij gingen op het droge door. Jozua 3:13—16.

6. In welke orde gingen zij door de Jordaan ? Eerst gingen de priesters met de ark er in, en

bleven staan in het midden der Jordaan, totdat al het volk was overgegaan. Jozua 4 : 9—11.

7. Wat hield op, toen zij door de Jordaan gegaan waren ?

Het Manna, want de kinderen Israëls aten van de inkomst des lands Kanaan. Jozua 5 : 12.

8. Welk feest vierden zij in de vlakke velden van Jericho ?

Het Pascha; ook liet Jozua al de onbesnedene Israëlieten besnijden. Jozua 5 : 8—11.

Sluiten