Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wegens het stervensgevaar heeft men wellicht reeds gedoopt op een der ledenmaten en (of) op den romp, zoodra dezen naar buiten zijn gekomen.

Buiten den moederschoot echter kan men het hoofd niet bereiken.

Vreest men nu, dat het kind zal gestorven zijn, voordat men het hoofd buiten den moederschoot kan doopen, dan doope men op het hoofd in den moederschoot, want men moet trachten, zoo het eenigszins mogelijk is, op het hoofd te doopen.

Tweede geval.

Dit geval betreft een vrucht, die nog niet buiten den moederschoot kan blijven leven.

De vliezen kunnen van zelf zijn gebarsten (gebroken). In dit geval doope men de vrucht in den moederschoot.

Het kan zijn, dat de vliezen niet gebarsten (gebroken) zijn, en dus doorstoken zouden moeten worden, om de vrucht te kunnen doopen.

Of dit geoorloofd is, maken wij hier niet uit.

Derde geval.

Dit geval betreft een vrucht, die reeds we buiten den moederschoot kan blijven leven.

Sluiten