Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de bestudeering van een enkel onvruchtbaar, mathematisch punt: zijn eigen ik. Men behoeft slechts op een groot wit vel papier het woordje „Ik" te schrijven, om een kleine voorstelling te krijgen van dien troosteloozen toestand. Heeles maal navoelen kunnen we die absolute vereens zaming nooit, omdat herinnering en fantasie ons telkens afleiden van ons zelf, en daardoor onze duisternis verlichten.

Zoo iemand ziet de menschen niet, omdat hij ze door zijn haat niet zien kan, want haat maakt blind. Er bestaat immers geen fellere haat dan wanneer een mensch aan zijn vijand voorbij gaat zonder hem te zien, hem opzettelijk negees rend. „De hel, dat is de smart, niet meer te kunnen liefhebben", zegt Sossima in „De gebroes ders Karamasoff". De capaciteit tot liefhebben is verloren gegaan, de mensch kan niet meer leven buiten zichzelf, d.w.z. hij kan heelemaal niet meer leven. Want „niet liefhebben is niet leven", zegt Drummond. En de pijn wordt vers oorzaakt, doordat de mensch zich bewust blijft, niet te kunnen liefhebben, dood te zijn.

Hoe meer we onszelf handhaven, hoe eens zamer we worden. De trotsche demon in het gedicht van Lermontow vindt geen bevrediging meer in zijn egoïsme:

Sluiten