Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er zijn voorzeker weemoedige herinneringen voor onzen geest te dezer uur. Wij gedenken aan degenen, die ontslapen zijn en die met ons geijverd hebben in deze zaak. Aan de naar elders vertrokkenen , allereerst aan den geliefden voorganger die ons pas verliet Ach , wij vinden, waar wij staren , niets bestendigs hier beneên. Maar het is een groot voorrecht , dat wij slechts vier door den dood 2) slechts twee 3) door vertrek ledig gemaakte plaatsen hebben aan te wijzen na een arbeid van tien jaren. Wij zijn verschoond en beweldadigd, geholpen en bewaard: love onze ziele den Heeren al wat binnen in ons is zijnen heiligen naam!

Psalm C1II: 1.

Loof, loof den Heer, mijn ziel, met alle krachten;

Verhef zijn naam, zoo groot, zoo heilig te achten; Och of nu al wat in mij is Hem preez'!

Loof, loof, mijn ziel den Hoorder der gebeden;

Vergeet nooit één van zijn weldadigheden:

Vergeet ze niet; 't is God, die ze u bewees.

De opsomming van deze weldaden Gods is voorzeker niet genoeg wanneer wij naar het woord van den gewijden zanger den milden Gever in het mid-

*) Ds. P. J. Zijnen , voorzitter der Kommissie.

s) De H. H. J. C. Dutilh , J. Verdoorn (kerkvoogden); J.Jansen, H. de Wolfp (notabelen).

3) Ds. P. J. Zijnen en de heer Q. Harder (kerkv.)

Sluiten