Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Angst en heimwee, het zijn de beide polen, waartusschen het bewustzijn zich ontwikkelt.

Is er nu sprake van de verwondering, dan is hierin dus de angst voor het onbekende en vreemde niet te loochenen.

Nu zal de mensch, niet bewust van eigen innerlijk wezen, dus ook niet van eigen doen, vanzelf den angst objectiveeren in het vreemde, in dat wat hij van buiten-af gewaarwordt.

Want als natuurlijke mensch, geheel in beslag genomen door den strijd om het bestaan, zal hij, wat vanzelfsprekend is, zijn geheele aandacht bepalen bij de dingen van buiten-af en zal dus ook zijn bewustzijn in het bijzonder beïnvloed worden door de omringende wereld.

Saamgedacht met den instinctieven angst zal het bewustzijn van den natuurlijken mensch geheel beheerscht worden door de realiteit van het bestaan, dat wil dan zeggen : dit bewustzijn is geheel doortrokken van de realiteitsgedachte.

Zoowel eigen wezen als de dingen der wereld zijn voor dit bewustzijn bestaanbaarheden, realiteiten.

En hoe meer dit bewustzijn zich met de dingen van buiten-af bezighoudt en zich daarmede één gevoelt, daarbij dus de bewustwording van eigen innerlijk leven verwaarloozende, zal het meer en meer overtuigd zijn van de absoluutheid dier realiteit. Ja, mocht dit bewustzijn, noodgedwongen, zich al bezig moeten houden met het

Sluiten