Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wetten willen vastleggen, al moge ook God en Zijn schepping nog zoo gekluisterd worden in onveranderlijke, goddelijke wetten, 's menschen aangeboren oneindigheidsgevoel zal zich in zijn heimwee naar God steeds op ongedachte wijze openbaren.

Het heimwee naar God is den mensch even sterk aangeboren als zijn angst voor den dood.

Als vanzelfsprekend zal de mensch Gods oneindigheid van buiten-af verwachten. Alles verwacht dit realistisch bewustzijn, ook zijn eigen verlossing, van en uit de hem omringende wereld. En elk gebeuren in deze wereld, hetwelk buiten de wet valt, is voor dit, naar het oneindige hunkerende bewustzijn een openbaring van God, het verlossingsteeken uit de beklemming der wet. Maar wat zal dit realistisch bewustzijn, onbewust van eigen heimwee naar God, onbewust van eigen oneindigheid, begrijpen van hetgeen dit bewustzijn geheel vreemd moet zijn!

Hoe zal de mensch dit gebeuren, buiten de wet om, anders begrijpen dan als de onbegrijpelijkheid van het wonder !

Want, onbewust van eigen doen, niet bevredigd door de allesbindende wet, is het onbegrijpelijke voor dit bewustzijn de hoogste openbaring van zijn onbewusten oneindigheidsdrang.

En wat zou dit realistisch bewustzijn dus meer in vervoering kunnen brengen dan het wonder, de „gerealiseerde" onbegrijpelijkheid !

Sluiten