Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En omdat dit bewustzijn zich het oneindige slechts als het mysterie van buiten-af kan denken, zal het vanzelf 't wonder als een stuk voorhandene onbegrijpelijkheid vereeren.

Zoo blijkt dit bewustzijn met al zijn verborgen heimwee naar het oneindige toch aldoor gevangen in de macht van zijn realiteitsgeloof; het vermag het ware oneindige op zijn hoogst te denken als een „bepaalde" onbegrijpelijkheid ergens in of buiten de omringende wereld.

De wereld is geen afgesloten geheel, in hare oneindigheid is zij op natuurlijke wijze zich eeuwig verkeerend in een eindeloosheid van komende en gaande dingen.

Nimmer zal dan ook het wonder uit de wereld zijn en immer zal het realistisch bewustzijn in den waan blijven verkeeren, dat het ware oneindige als onbegrijpelijk wonder te verwachten zal zijn. Edoch, al wat in de wereld als wonder verschijnt, heeft in en als een natuurlijk gebeuren ook in die wereld te gronde te gaan.

Wat ter wéreld zal kunnen ontkomen aan de wet van oorzaak en gevolg, wat ter wéreld verschijnt zonder verband met iets anders!

Al wat verschijnt, valt vroeg of laat onder de wet. Ook Jezus zelf, het grootste wonder, verschijnt om in alle natuurlijkheid ten onder te gaan.

Dit is het fatum voor alle wondergeloof van het realistisch bewustzijn, omdat dit bewustzijn het ware oneindige, als het oneindige ware van buiten-af verwacht.

Sluiten