Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dit nu is de bevrijding van den geest, dat hij zich in zijn nietigheid bewust wordt van eigen oneindigheid, dat alzoo de wereld niet van den geest Gods verlaten is, evenmin, dat die geest buiten deze wereld ergens in den hemel standhoudt, ook niet, dat hij eerst in de toekomst zijn waarheid zal openbaar maken, maar dat hij de wereld doorwoont zonder toch ook weer ergens in die wereld als een bepaald wezen aanzijn te hebben.

Jezus Christus heeft den zin van den geest Gods onthuld in de woorden : „Mijn koninkrijk is niet van deze wereld," d.w.z. het koninkrijk des geestes is niet wereldsch.

De wereld is door en in Jezus Christus zich eeuwig met God verzoenende. De mensch, die zulks in zijn Gethsémané en op zijn Golgotha doorleefd heeft, weet, dat niets ter wereld verlaten is van God, doch hij weet ook, dat die geest slechts in het verborgene van eigen bewustzijn moet beleefd worden. De mensch, die zich zelf in de wereld, in eigen wereld kan verliezen, heeft door smart en lijden tot zich zelf in te keeren om te begrijpen, dat hij juist in en cloor de wereld zich bewust wordt van den oneindigen geest Gods. Wie zich niet aan de wereld, dat wil dus zeggen aan eigen innerlijke onrust, kan gevangen geven, zal ook nimmer den geest Gods in de wanhoop van eigen eenzaamheid beleven.

De weg tot de zelfbewustwording van eigen geest leidt in de wereld door Gethsémané en naar en over Golgotha.

Sluiten