Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de gedachte van organisch verband en historische ontwikkeling volstrekt niet weerlegd, en voor eene traditioneele opvatting niets gewonnen.

Het blijft er bij dat wij ook in de Bijbelsche literatuur geene oorkonden bezitten die wij als onfeilbare historische of metaphysische waarheidsbronnen kunnen gebruiken; wij hebben den Bijbel in beginsel te lezen als andere groote wereldliteratuur, de Edda of de Veda's, Homeros of Plato, Dante of Shakespeare, met begrip voor historische tijdelijkheid en innerlijke geldigheid tegelijk. Dat geldt voor het Nieuwe Testament niet minder dan voor het Oude; ook de schrijvers van het N.T. zijn kinderen van hunnen tijd, diepzinnige vromen voor hun deel en bewogen beelders, maar tegelijk onbetrouwbare historici en gebrekkige interpretatoren. Van wat zij vernomen hebben, gelooven en hopen, geven Mattheüs, Johannes, Paulus hunne verschillende geloofsgetuigenissen; zij berichten van een historie en een ideaal, die tegelijk hun hart in vlam zetten en te boven gaan. „Immer mehr" — mocht Eucken schrijven — „überzeugen wir uns, dasz die vorliegenden Berichte uns weniger die Tatsachen selbst, als ihre Spiegelung in den Vorstellungen und Überzeugungen der folgenden Generationen übermitteln; vieles, was sonst dem Meister selbst angehörig erschien, erkennen wir jetzt als erst aus der Erfahrung seiner Schicksale und durch die Verehrung der Seinigen ihm beigelegt." x) Aan onzen grooten tijdgenoot Albert Schweitzer mogen wij in dit opzicht een tekort aan critische houding verwijten als hij de denkwijze van Jezus zoo maar meent te kunnen aflezen uit de mededeelingen van Marcus, den meest geborneerden der Evangelisten; bovendien hebben de indertijd zoo nadrukkelijk geuite bezwaren tegen de onderstelling dat wij in Marcus de meest oorspronkelijke bron zouden hebben nog steeds hun kracht niet verloren a). Bij zulk eene situatie blijft de vraag naar den historischen en ideëelen waarheidsinhoud in de evangelische berichten

1) Rudolf Eucken, Hauptprobleme der Religionsphilosophie der Gegenwart, Berlin, 1909, pag. 96.

2) A. Schweitzer, Das Messianitats- und Leidensgeheimnis, Tübingen, 1929. H. U. Meyboom, Geschiedenis en Critiek der Marcus-hypothese, Amsterdam 1866.

Sluiten