Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Drcpir :ir ld

'■■ L L L I ,■■■ U 1 4 .

l>oor J.. A. HOLTROf.

Voor te draden door den lieer P. JBERGEMA te Leeuwarden.

• r27*

Arm moedertje weent en het kindeken lacht . . >

I)ooi' 't venster kijkt iieiiijk de zon van den nacht. Zij glimlacht zoo vriendlijk als wilde zij vragen: „Och, arme, houd op toch met weenen en klagen! 7,Zoek troost in der sterrekens zilveren licht, „Waarvoor immers nacht'lijke duisternis zwicht, ,, Vei trouw toch, dat 'toog van den Schepper u zietï „De Vader vergeet wis zijn kinderen niet!"

Arm moedertje weent en het kindeken lacht,

En houdt bij Mar iet jen, haar speelpop, de wacht, En zet haar een hoedjen op 't goudgele haar, En jubelt: „Och moeder, toe, kijkt er eens naar, ,,0, zie eens, hoe aardig Marietje daar zit,

„En even als ik om een boterham bid:

„Zij reikt bei haar handjes zoo smeekend U toe; „Kom, schrei nu niet langer •—geef brood, lieve moe!"

Een wolkje verborg het gelaat van de maan . . . ïeerdroevig blikt moeder haar lieveling aan.

Zij pakt haar en drukt haar aan 't jagende hart, Dat slechts om haar kind nog den levenstrijd tart, En bevend ontglipt haar: ,,'k Heb niets meer mijn schatj ,,'t Is alles verpand, wat ik eenmaal bezat.

,.0 Heere, schenk uitkomst, want morgen misschien „Kan ik aan mijn kind zelfs geen rustplaats meer bien!"

En 't hoofd van de droeve zinkt duizelend neer; Zij bad nog om uitkomst, maar hoopte niet meer. De honger, de machtige vriend van den dood, Doorwoelde dat lichaam, dat weerloos zich bood. En 't kind vlijde 't hoofd tegen moedertjen aan En zonk op haar knietjes en keek naar de maan, Die 't tweetal bescheen met een zilveren schijn . . . ! En ginds lag de speelpop . . . Ach, honger doet pijn.

De zonkaros duikt uit een purperen gloed En sterkt weer den sterv'ling met jeugdigen moed. Maar achter de deuren van 't groote gebouw, Dut lombard genoemd wordt, aanschouwt men slechts

(rouw.

Sluiten