Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SCHETS I.

De volheid des tijds.

, Inleiding.

De naam: volheid des tijds is ontleend aan Galaten 4 : 4, en beteekent naar de uitlegging van Prof. Greijdanus, (verklaring van den brief aan de Galaten, blz. 94) „het tijdstip, door God in Zijn eeuwigen raad daarvoor vastgesteld, en het oogenblik toen, naar dien raad, de verhoudingen der volken onderling, en de toestanden bij hen op maatschappelijk en geestelijk gebied, zich zoodanig ontwikkeld hadden, dat het evangelie Gods van den Heere Christus en Zijn heilsarbeid een toebereiden bodem vinden mocht bij velen, en snel zich zou kunnen uitbreiden over de aarde". De tijden waren vol, de maat was vol geworden.

I. De Heidenwereld.

A. De staatkundige toestand.

1. Verschillende wereldrijken zijn elkander opgevolgd. Assyrië, Babel, Perzen en Meden, Griekenland en in de volheid des tijds overheerscht het machtige Romeinsche keizerrijk de geheele wereld. De keizer van Rome, die zich Augustinus, d.i. de verhevene, had laten noemen, regeert van den Atlantischen Oceaan tot den Eufraat en van den Rijn en Donau tot in Afrika.

2. Dit eene wereldrijk is van beteekenis geweest voor de verbreiding des evangelies en de vestiging van het christendom over de geheele aarde:

a. door den vrede tusschen de volkeren; in tijden van oorlog en vijandschap tusschen de natiën, zouden b.v. voor Paulus de zendingsreizen onmogelijk geweest zijn;

b. door de eenheid van taal; (het volksgrieksch), dat het verstaan van de prediking mogelijk maakte;

c. door de vele heirwegen, die de apostelen dienden op hun reizen door de geheele wereld. Zoo dient Rome het rijk der hemelen, en de keizer Christus.

Sluiten