Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zijn ster gezien in het Oosten, en v. 9. (Wel trekt hen het woord Gods in de Schepping tot Christus.) Hun aantal is niet bekend.

B. De wijzen in Jeruzalem.

1. In Jeruzalem stuiten de wijzen op teleurstelling. Niemand weet van een geboren Koning. Geen feestvreugde en geen antwoord op de vraag: waar is de geboren Koning? Deze eerste tegenslag ontmoedigt hen niet.

2. Ook koning Herodes hoort van de wijzen. Hij schrikt er van, omdat hij zijn heerschappij bedreigd ziet. Aan de schriftgeleerden vraagt hij advies, waar de Messias moest geboren worden en deze verwijzen hem naar de profetie van Micha. (Hierin blijkt hun doode orthodoxie. Zij kennen wel de Schrift, maar passen haar niet toe en denken er niet aan zelf naar Bethlehem te trekken). Het woord Gods in de Schrift.

3. Herodes ontbiedt de wijzen; deelt hun mede, waar zij den geboren Koning kunnen vinden, en vraagt hun, om, als zij Hem gezien hebben, hun bevindingen hem mede te deelen. Hij geeft voor het Kindeken te willen aanbidden, maar in zijn hart rijst een moordplan.

C. De wijzen in Bethlehem.

1. De wijzen gaan welgemoed naar Bethlehem en zien buiten Jeruzalem de ster weer. God helpt hen dus op de reis. Zelf leidt Hij hen door Zijn hemellicht, en wijst het huis aan, waar zij Jezus kunnen vinden.

2. Hier blijkt hun geloof. Zij laten zich door geen armoede of eenvoud van Jozef en Maria, van het huis etc. terugschrikken, maar gelooven, dat het kind Jezus de geboren Koning is. Het woord Gods in het vleesch geworden Woord. Aanbidding en geschenken.

3. God openbaart hun, dat zij langs anderen weg zullen terugkeeren. Dat doen zij en komen dus niet bij Herodes terug. Van de wijzen weten wij verder weinig, maar zij zijn wel de eerstelingen der heidenen, die Christus aanbidden; de padvinders der volkeren naar Bethlehem; de wegwijzers naar Jezus. In hen blijkt het, dat Christus niet alleen geboren is voor de Joden, maar ook is een licht tot verlichting der heidenen.

II. De v ij andige wereld (vs. 13—23).

A. Voor Herodes gevlucht (vs. 13—15).

1. Wanneer de wijzen niet tot Herodes terugkeeren, besluit hij alle kinderen in Bethlehem van twee jaar en daar-

Sluiten