Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rusland dreigt aan deze slechte verkeerstoestanden te gronde te gaan. Het zal ook wel niet beter worden, want het noodige personeel ontbreekt. Wie iets presteert, wordt spoedig door de almachtige proletariërs uit zijn betrekking verdrongen.

Den 18en September 1933 kwamen wij meer dood dan levend in Swerdlowsk (Jekaterinenburg) aan. Een Amerikaansche industriestad! Overal wordt er gebouwd. Jekaterinenburg moet het industrie-centrum van den Oeral worden. Alle wegen komen hier te zamen. Men ziet de merkwaardigste contrasten. Reusachtige fabrieken, Amerikaansche wolkenkrabbers, die aan duizenden arbeiders een woonplaats bieden, naast de ellendige hutten der bannelingen.

De nieuwe machine-fabriek, waarin ik zou komen te werken, is op zichzelf reeds een stad. Het établissement is er voor ingericht om alle mogelijke machines voor den landbouw, mijnbouw en voor de industrie te produceeren; ook locomotieven, tractors, auto's, rails enz.

Een lange rij moderne hoogovens wijst erop, dat deze fabriek zelf het ijzer zou bereiden.

Groote door Krupp gebouwde ijzer-gieterijen vervolmaken het bedrijf.

Den len October 1933 zou de fabriek in werking komen. Het duurde vier dagen, tot ik opgeroepen werd. De meeste arbeiders waren gevluchte Kolaken, en landbouwers, die op de Sovjets-landerijen bijna verhongerd waren.

Sinds de Regeering het af te leveren gedeelte van den oogst zoo hoog gesteld heeft, dat de landbouwers niet voldoende kunnen overhouden om ervan te leven, heeft er een ware volksverhuizing plaats naar de industriesteden.

De meesten van hen, die zich bij de bovengenoemde fabriek hadden aangemeld, hadden nog nooit in een fabriek gewerkt en velen hadden zelfs nog nooit een fabriek gezien.

Toen ik voortrad, werd ik dadelijk door den voorzitter der commissie terzijde geroepen en werd mij naar mijn kundigheden gevraagd. Natuurlijk verzweeg ik, dat ik ingenieur was, want ik wilde liever een eenvoudig werkman zijn. Tenslotte stelde men mij aan als opzichter in de pletterij. Ik stond onder een piepjong ingenieurtje, die, te oordeelen naar zijn uitlatingen, niet bepaald van zijn vak op de hoogte was.

Mijn salaris werd op 225 roebels vastgesteld

Sluiten