Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er streden soms meerderen, éénmaal zelfs drie, om den stoel van Petrus. Hendrik III van Duitschland maakte daaraan een einde (1046). Toch was een andere hervorming noodig, n.1. van binnen uit. Daartoe heeft de monnikenorde der Cluniacensers den stoot gegeven, 't Oude kloosterleven, maar nog veel strenger, werd hersteld. (Abt Odo). Hun ideaal was verder: de kerk moest bevrijd worden van de wereldlijke macht.

Zoo werd voorbereid de strijd tusschen paus en keizer om de oppermacht.

II. De groote Paus Gregorius VII (1073—1085), oorspronkelijk Hildebrand geheeten. Door den volkswil tot paus gekozen. Monnik, kerkvoogd, diplomaat.

1. Door dit beginsel geleid kwam men tot het volgende:

De kerk moet de heerschappij over de wereld verkrijgen. Grondgedachte van zijn stelsel: universeele theocratie op aarde: de vestiging van een kerkstaat. Daartoe werden door hem verschillende maatregelen genomen om den priesterstand vooral te verheffen, de Kerk boven den staat te plaatsen en de machthebbers in den staat alleen te erkennen, wanneer zij in hun ambt „bevestigd" waren door de kerkelijke autoriteit. De leer der twee zwaarden. De volgende maatregelen werden voor dit doel genomen: Coelibaatswetten, eed der Simonie, Investituur.

2. Botsing tusschen Gregorius VII en Hendrik IV van Duitschland. Pauselijke en wereldlijke macht. Verloop van den strijd. Gang van Hendrik naar Conossa. Einde: Gregorius veel bereikt, maar niet alles. Later bevestigd in het concordaat van Worms (1122). Het ideaal van Karei den Groote: één groote staatskerk, was verdwenen. De idee van Gregorius: één groote kerkstaat, ook niet bereikt. Maar toch: de pauselijke hiërarchie overal als een wig in 't staatsleven ingedrongen.

III. Verdere ontwikkeling van de macht van het Pausdom.

1. Urbanus II en de Kruistochten:

Het aanzien der pausen gestegen nogmaals door de Kruistochten. Peter van Amiëns. Concilie van Clermont. Men telt gewoonlijk 7 kruistochten (1096—1270). (Welke personen uit ons land er aan hebben deelgenomen). Doel ten slotte niet bereikt. Voordeelen en nadeelen.

Sluiten