Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

blijken er adders onder het gras te schuilen. Lees maar:

„Deze genade Gods is het beginsel, de voortgang en volbrenging alles goeds, ook in zooverre dat de wedergeboren mensch zelf, zonder deze voorgaande of toekomende, opwekkende, volgende en medewerkende genade, noch het goede denken, willen of doen kan, noch ook eenige verzoekingen ten kwade weerstaan, zoodat alle goede daden of werkingen, die men bedenken kan, de genade Gods in Christus moeten toegeschreven worden. Maar zooveel de manier van de werking derzelver genade aangaat, die is niet onwederstandelijk, want er staat van velen geschreven, dat zij den Heiligen Geest wederstaan hebben (Hand. 7 en elders op vele plaatsen)".

Het is om die reden, dat de Synode van Dordt het 3e en 4e artikel der Remonstranten in een dubbel Hoofdstuk besproken en weerstaan heeft.

De mensch is naar ziel en lichaam geschapen naar het beeld en de gelijkenis Gods (Heid. Cat. vr. 6; Ned. Conf. artikel 16); hij is niet i n het beeld Gods geschapen; ook draagt hij niet het beeld Gods, maar is het beeld Gods; dit behoort tot zijn wezen, doet hem waarlijk mensch zijn. We onderscheiden gewoonlijk: het beeld Gods in ruimeren en in enge ren z il n. Met het beeld Gods in ruimeren zin bedoelen we dan alles in hem, wat hem onderscheidt van het dier: hij is een redelijk, zedelijk, geestelijk wezen en is dat, hoe ook geschonden, ook na zijn val gebleven. Het beeld Gods in engeren zin is meer het geschapen zijn in ware kennis, gerechtigheid en heiligheid: kennis d.i. zijn verstand was versierd met ware, zalige kennis van zijn Schepper en andere geestelijke dingen; hij had een zuivere en voor zijn roeping genoegzame kennis; heiligheid, d.i. hij was vrij van alle zondesmet, er was innerlijke harmonie in zijn wezen; gerechtigheid, d.i1. de mensch beantwoordde in zijn staat geheel aan Gods recht. Intellectueel, ethisch en juridisch was hij beelddrager Gods. Hoewel het beeld Gods in den mensch door den zondeval hopeloos is geruïneerd, heeft hij nog „overblijfselen van het beeld Gods" behouden; alleen algeheele vernieuwing brengt

Sluiten