Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn hart hebben gebrand, een dolle, onleschbare dorst naar roem en eer en lof zou zijn hart hebben vervuld.... maar nu is dit inderdaad niet het geval, nu gaat hij met geen andere bedoeling, dan om iets te geven aan de gemeente, die te Rome is.

Ik zou, gemeente van 's Gravenhage, naar alle waarschijnlijkheid den moed niet gehad hebben met dit machtige, dit door en door geestelijke woord van Paulus mijn intrede in uwe gemeente te doen, indien er niet een klein woordje in den tekst stond, dat aan de uitspraak van Paulus een , eigenaardige kleur geeft, er een bede in plaats van een verzekering van maakt, het woordje „mocht". „Ik verlang u te zien," schrijft hij, „opdat ik u eenige geestelijke gave mocht mededeelen." Hierin ligt opgesloten, niet waar, dat Paulus zelf gevoelt: indien het mij door God niet gegeven wordt eenige geestelijke gave mede te deelen, dan ben ik daartoe niet in staat. Onze tekst is biddende geschreven, door een ootmoedig man, die zijn eigen zwakheid en onvermogen kent. En ik voor mij heb behoefte om dezen tekst ook naar den vorm geheel om te zetten in een gebed en hem naar de bedoeling des apostels aldus te lezen: God verleene mij Zijne genade, gemeente, opdat ik in staat zij niets te nemen, maar iets aan u te geven, inderdaad te geven.

Ik leg den nadruk op dat „inderdaad te geven".

Indien mijn lichaam het mij toelaat zult gij, naar het uitwendige oordeelende, wel een lust om te geven bij mij opmerken. Ik ben hoogmoedig genoeg om niet lui te zijn. Maar het zou zeer goed kunnen wezen, dat ik, tijd en krachten gevende, ten slotte toch in het verborgen zonder mijzelven daarvan bewust te zijn, niet anders deed dan nemen, dat mijn eigenlijke bedoeling bij al mijn werk was door u geprezen te worden. Het is zoo aangenaam bekend te staan als een werkzaam predikant, om af en toe •— en er zijn altijd zwakke menschen rondom ons, die ook weer

Sluiten