Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rijpte in hem de overtuiging, dat alleen iij de aloude gereformeerde leer heil lag voor kerk en volk. In 1870 werd hij te Amsterdam beroepen. Zijne intreepredikatie over de- kerk als organisme en instituut, deed reeds vermoeden dat Dr. Kuyper vrijmaking der kerken van de onwettig opgelegde organisatie zoeht. In 1873 bood hij den Amsterdamschen Kerkeraad een ontwerp aan, waarin eene schikking van het kerkegoed werd voorgesteld. De bedoeling van dit ontwerp was, dat orthodoxen en modernen uiteen zouden gaan en kerkelijk gescheiden zouden leven. Hiervan kwam echter niets.

Door zijn onvermoeiden arbeid werd de gereformeerde partij in Amsterdam steeds sterker, zoodat bij beroepingen doorgaans gereformeerde predikanten in aanmerking kwamen, o.a. Dr. Ph. S. \ <ui Ronkel. In den Kerkeraad bestond de meerderheid weldra uit Gereformeerden.

Zoo arbeidde Dr. Kuyper voort; maar het was te voorzien, dat de toestand op den duur zoo niet kon blijven.

9. Deden de Gereformeerden niets voor het Hooaer onderwijs ?

Ja; er ontstond eene beweging ten gunste van eene eigen Hoogeschool, vooral na het aannemen van de nieuwe wet op het Hooger Onderwijs 28 April 1876.

Volgens de nieuwe wet van 1876 werd de theologie of godgeleerdheid van de Universiteit gebannen. Er werd nu alleen onderwijs gegeven in de godsdienstwetenschap i ' dlt bemerkende> benoemde voor rekening van

de Ned. Herv. Kerk aan elke Universiteit twee kerkelijke Hoogleeraren, die onderwijs moesten geven in die vakken die volgens de nieuwe wet niet meer tot het Universitair onderwijs gerekend werden. Deze kerkelijke Hoogleeraren waren echter allen öf van de Groninger öf van de moderne richting. Met dat onderwijs was men niet tevreden, sommigen stichten daarom eene vereeniging van Hocer Onderwijs en benoemden Dr. A. W. Bronsveld alsaanvulWsdocent aan de Universiteit te Utrecht.

Dr. Kuyper vond deze daad niet goed te keuren Hij sprak als zijne overtuiging uit, dat men geen eelooviee onderwijs moest laten geven naast eene school, waar het ongeloof heerschte, maar dat het gansche onderwijs moest veranderd worden. Daarom geen aanvulling, maar eene Vrije Universiteit, op gereformeerden groudslag.

5

Sluiten