Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

V

Wij komen tot het derde groote cultuurgebied: de ordening der samenleving. Het complex van zeden en gewoonten, rechtsorde, familieleven, productie, staatsinrichting is een even merkwaardige „ontginning van natuur" (namelijk van egoïstische en universalistische driften en krachten), als het complex der kunst; en van wèl zoo groot onmiddellijk belang, waar belangen en idealen, macht en recht, fel botsen op elkaar.

Juist op dit gebied hebben de christelijke kerken dan ook veel moeite gedaan, haar opvattingen ingang te doen vinden, en familie, bedrijf, recht, en staat onder haar directen of indirecten invloed te krijgen1). Dat is op het eene terrein beter gelukt dan op het andere, en wisselt bovendien met de volkeren en de tijden. Deze christelijke

x) Voor dit onderwerp is de lijvige studie van E. Troeltsch: „Die Soziallehren der christlichen Kirchen und Gruppen" (Tübingen, 1912) nog steeds belangrijk.

Sluiten