is toegevoegd aan uw favorieten.

De kinderdoop, beschouwd met betrekking tot de kerk, de praedestinatie en de wedergeboorte

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gende, in de gemeente werkzame geloof; in elk geval is het het in den tijd en in de werkelijke wereld te voorschijn tredend geloof'.

Het geheim des geloofs echter, deszelfs oneindige grond, komt uit de verkiezing door Christus in den Doop, terwijl Hij, als het Hoofd der Kerk, zich zei ven in eene organische betrekking plaatst tot het individu en daarmede aan hetzelve de bron schenkt van alle geloofsontwikkeling, van alle Christelijke geestduft en krachtsuitoefening. Dat er derhalve eene Christelijke prediking bestaat, dit heeft in waarheid zijn grond daarin, dat er een Christelijke Doop bestaat, dat de Kerk gesticht is en steeds op op nieuw gesticht wordt in de elkander opvolgende onwedergeboren geslachten. Zonder den Doop zou de prediking slechts eene subjective handeling, eene oefeningszaak zijn, die zich niet uit de daad van Christus ontwikkelde. Hij ware hoogstens alleen een werk van toevalligen genialen aanleg, van schriftgeleerdheid of van onbestemde geestdrift, maar geen werk van den geest, die van den stichter der Kerk uitgaat. Dat wij nog heden ten dage eene Evangelische en Apostolische prediking hebben, dit rust niet zoo zeer op de Apostolische schriften, als wel daarop, dat wij even zoo oorspronkelijk door Christus tot de -zijnen zijn aangenomen, als de Apostelen, dat Christus ons denzelfden aanvang des geloofs, dezelfde bron, al is het dan ook niet dezelfde mate des Geestes, geschonken heeft, als aan hen en ons daardoor bekwaam gemaakt heeft, de gemeenschap met de Apostelen door middel van de H. Schrift voort te zetten. Het begrip der Apostolische prediking laat zich, naar luid der Schrift, alleen bepalen door dat van den Doop, gelijk wij dan ook bevinden, dat het predikambt te gelijk met den Doop ingesteld is. Zal de prediking in Apostolischen geest geschieden, dan kan hare taak geene andere zijn dan deze : eensdeels hen, in welke het geloof nog niet bestaat, tot den Doop heen te leiden, anderdeels de verborgenheid des geloofs in diegene te ontwikkelen in welke het door middel van den Doop reeds geplant is.

De dwaling van het Baptisme bestaat in het verloochenen van de verborgenheid des geloofs en in den Doop slechts als oen toe-