is toegevoegd aan uw favorieten.

"Mijn zegenwensch"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ontglipt een zucht aan onzen boezem bij de herinnering van deze waarheid? Het is zoo, de werken der hope, waarin ik u overvloedig wensch, komen altijd neer op de vraag: wie wij zelf zijn — en zullen wessen\ — Zullen wij in het gelooven onze blijdschap en vrede zoeken: het begin en het einde van onze bemoeingen moet zijn: werk uw zaligheid met vrees en beving. Om goed te doen moet men goed zijn, althans willen worden. Jezus was een man van kracht omdat het zijn spijs was Gods wil te doen. Vergeten wij dat niet. Als wij. ons zelv' ontzien en sparen dan is onze hervormingsijver de ware niet. Meer dan lessen en vermaningen vermag het voorbeeld! Heiligen wij ons zelv! het geloof zij ons een levenszaak, een bad der wedergeboorte. Dan zal de gewenschte kracht ten goede van ons uitgaan, en voor ons zelv: — want ook de zedelijke vooruitgang voor een iegelijk onzer is een werk der hope! - zullen wij op onzen weg vinden den moed — om op een toekomst, een schoone toekomst te hopen — achter het graf. In de ervaring der Godskracht, die in haar werkt, ligt voor de ziel de heilige blijdschap en de stille vrede, en zij zingt, als de doodsklok luiden gaat, het lied der hope: 't Eeuwige is uit God geboren, 't Godlijke zal nooit vergaan!

Gij hebt mijn zegenwensch vernomen ! M. V. Hoe zou ik mij verblijden, als uw hart daarop het „ Amen" sprak! Maar bovenal als gij in den geest van den scheidenden vriend gaat handelen Kon ik u het geloof verzekeren, ik zou al de kracht mijner ziel daartoe gaarne besteden. Maar het geloof is een gave, eene gave Gods in het diepst onzer ziel verborgen. Die gaaf moet ontwikkeld, zij kan verdoofd worden, gelijk elke