is toegevoegd aan uw favorieten.

De roem van een evangeliedienaar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ontvangen, en allerlei goede werkingen en krachten konden er plaats hebben, al geloofde men juist niet in Christus, al kende men Christus niet. Blijkt dit niet uit de vragen des Apostels, Galaten III, eu dat hem zoo bedroefde? En zijn al die verschijnselen in onzen tijd vreemd bij eene getrouwe getuigenis van Jezus, dat alle licht, leven en kracht van Hem, inzonderheid uit zijn lijden en zijne opstanding afstraalt en alleen door den H. Geest ter zaligheid wordt toegepast? Hoe zou een Evangeliedienaar onder dit alles den roem behouden ter volharding in zijne getuigenis, indien het ook hier niet ware: Dan, hulpe van God verkregen hebbende, sta ik tot op dezen dag? — Wij spreken hier zelfs niet van desmart, die hij gevoelde onder al de twistingen en verdeeldheden der broederen, op gevaar af van elkander te vernielen'; onder zoo vele valsche broederen, die vlekken waren in hunne liefdemaaltijden; onder zoo vele Demassen, Alexandersen ... Maar genoeg,genoeg, mijne Toehoorders! om te begrijpen, dat de hulpe Gods de eenige sterkte is, waardoor een Evangeliedienaar kan roemen.

Deze hulpe Gods is nu juist niet altijd wonderdadig. Meestal ontvangen zij haar op gewone wijze, of door Gods bijzondere en vaderlijke voorzienigheid, of door de vertroostingen des Heiligen Geestes, waarmede zij vertroost worden in Hem, van wien zij getuigen, of ook door de bemoediging, die zij ontvangen van wege den zegen Gods op hun arbeid, hetzij tot bekeering, hetzij tot opbouwing, of door de verkwikkingen, die hun worden toegebragt door de liefde der broederen. Maar, meent gij dat Paulus, dat elk waarachtige getuige des Ileeren dit alles builen den Ileere geniet? Neen,