is toegevoegd aan uw favorieten.

De laatste woorden des Heeren (Matth. 28-20) in drie leerredenen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ja! Hij is het zelf. En wat Hij spreekt, 't moge hun vreemd in de ooren klinken, 't is toch niet iets nieuws, dat Hij tot hen spreekt, maar slechts in anderen vorm eene herhaling van 't geen Hij zoo menigmaal had gesproken. Of had Hij niet verklaard: „Alle dingen zijn Mij overgegeven door den Vader ? Had Hij niet zich zeiven voorgesteld onder t beeld van een koning, heengereisd naar een vergelegen land, om voor zich zei ven een koningrijk te ontfangen en dan weder te keeren?

Maar nu althans sprak Hij duidelijk en beslist, zoodat allen konden weten wat Hij bedoelde. Hij sprak over zijne heerschappij en stelde haar als onbepaald voor.

Deze verklaring vordert nu al onze aandacht.

Jezus heeft alle vnacJit in den hemel en op aarde.

Die macht is onbepaald.

Die macht is geestelijk.

Die macht is onweerstaanbaar.

Alle macht in hemel en op aarde bezit Hij.

De Heer noemt het uitgestrekte gebied op, waar Hij heerscht als Koning en zijne macht openbaart en verheerlijkt. Dat uitgestrekte gebied is het heelal, d. i. de zichtbare en onzichtbare wereld. De hemel, die plaats in het onmetelijk gebied der schepping, waar de Opperheer, de God des hemels en der aarde, zijn troon heeft gevestigd, met de vele duizenden engelen, die 's Heeren troon omringen. Over die engelen heerscht Hij. Hij is hun Koning, die recht heeft ■op hunne volmaakte gehoorzaamheid. Zij, die engelen, ook al bekleeden zij in het goddelijk rijksgebied den hoogen rang van aartsengelen,, moeten. Hem als hun Herder, als hun