is toegevoegd aan uw favorieten.

Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus?

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

liefhebben, en Zijn naam met gouden letters in ons hart geschreven staat, en wij geen ander sterfbed begeeren dan van dien man op den brandstapel, die in de handen klappende uitriep: „niemand dan Christus! niemand dan Christus!" en nog midden in de vlammen zong: „niemand dan Christus! niemand dan Christus!"—omdat wij Jezus Christus liefhebben, en Hem liefhebben zooals wij Hem liefhebben, daarom zeggen wij van ganscher harte: Indien iemand den Heer Jezus Christus niet liefheeft, die zij vervloekt! Laat iemand onze beste vriend, onze broeder of zuster zijn, indien hij of zij den Heer Jezus Christus niet liefheeft, dan roepen wij hem of haar met een weenend hart toe: Geen gemeenschap met u! En een ieder, door hoeveel muren van kerken en leerstellingen en meeningen hij van ons gescheiden zij, een ieder die Jezus Christus liefheeft, roepen wij toe: De broederhand! eeuwige gemeenschap met u! wij zullen het wel een eeuwigheid samen kunnen vinden, als wij nooit hebben uitgesproken over Hem, die ons eerst zoo uitnemend heeft liefgehad. Alles wat liefheeft, heeft u lief, o Jezus. En alles wat u niet liefheeft heeft niet lief, en wij begeeren die liefde niet, die geen liefde is. Als iemand niet medezingt: Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? de liefde van Christus — schrikkelijk zeggen! — de liefde van Christus heeft tusschen ons en hem een eeuwige scheiding gemaakt. Maar zij, die van de liefde van Christus niet kunnen scheiden, kunnen ook niet van elkander scheiden, want zij zeggen eerst: Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus ? en zij zeggen daarna: Wie zal ons scheiden, ons die bij Christus samenblijven, ons die van Christus niet kunnen gescheiden worden?

Als wij van Christus niet scheiden, scheiden wij niet van elkander, omdat door Zijne liefde onze liefde blijft. Er moge veel veranderen, dat wij van het standpunt van den tijd weemoedig zien veranderen, maar dat ons op het standpunt der eeuwigheid toch niet mismoedig maken kan. Wat er zondigs was in onze verhouding; wat uitwendig schoon was, maar van binnen bedorven; wat op eenigerlei wijze van den eenen mensch bij den anderen mensch God in den weg stond, het sterft, door afstand en tijd geoordeeld. Maar er is een liefde, die door geen tijd of plaats kan