is toegevoegd aan uw favorieten.

De gelukkige ure van Christus levendmakende stem

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan het eeuwige leven, daar in het voorgaande vers van gesproken was; die Mijn Woord hoort, en gelooft Hem die Mij gezonden heeft, die heeft het eeuwige leven, en komt niet in de verdoemenis, maar is uit den dood overgegaan in het leven; het is eene herstelling van alles, en nog meer, dan wat wij verloren hebben in den eersten Adam, doordien de tweede Adam ons van God geworden is, wijsheid, rechtvaardigheid, heiligmaking en verlossing," 1 Kor. 1 : 30. Wij hebben de kennis Gods verloren; deze wordt ons wederom in Christus hersteld, als onze wijsheid; wij hebben de gunst Gods verloren, welke wederom in Christus hersteld wordt, als onze rechtvaardigheid: wij hebben "het beeld Gods verloren, hetwelk ook wederom hersteld wordt in en door Christus als onze heiligmaking; wij hebben de genieting van God verloren, maar die wordt wederom in Christus hersteld, hier in genadé, en hier namaals in heerlijkheid, door Hem als onze volkomene verlossing Hier is die gezegende overgang van den dood in het leven; de dooden zullen leven, en wel eeuwig leven; want al deze deelen van het leven zijn eeuwig: zij zijn naar de beginselen van het eeuwig leven, hetwelk in den hemel volmaakt zal worden. Want gelijk Christus het brood des levens is, alzoo zal ook hij, die „dit brood eetj in eeuwigheid leven," Joh. 6 ; 58. De dooden zullen hooren en leven, gelijk er gezegd wordt, Jesaja 26 : 19 : „Uwe dooden zullen leven; ook mijn dood lichaam, zij zullen opstaan," en voor eeuwig leven; want iedere eigenschap van dit leven strekt zich uit naar de eeuwige gelukzaligheid en heerlijkheid; waar leven is, daar is beweging, appeteit en wasdom; maar dit geestelijke leven beweegt zich tot. verlangt naar, en wast op vóö'r de heerlijkheid. Het verborgen lichaam van Christus dat in den dood ligt, moet opstaan en voor eeuvtfig leven met het heerlijKe *Hoofd; want Hij heeft aldaar gezegd: „waakt op en juicht, gij die in het stof woont,, en daarom moet Zijn Woord stand grijpen. Derhalve is

Het derde hoofdstuk in onze woorden, het krachtige middel van dit geestelijke leven, namelijk, de stemme des Zoons Gods. Hier hebben wij 1. den Persoon die spreekt, namelijk, den Zoon Gods. den tweeden Persoon van "de heilige Drieëenheid, die bekleed is met onze natuur, en met hef ambt van Profeet, opdat Hij „eene goede boodschap zou brengen den zachtmoedigen," Jes. 61 : 1. Hij is „de Eeniggeborene van den Vader, vol van genade en waarheid," gezonden om des Vaders wil te verklaren.