is toegevoegd aan uw favorieten.

Een advents- en kerstgroet

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Zijne heerlijkheid, met ons gemeenschap zoudt hebben en deze onze gemeenschap ook zij met den Vader en met Zijnen Zoon Jezus Christus." (i Joh. i: 1—3)

Nu voelt gij toch wel, mijn lieve vrienden, dat bij deze majesteitelijke, zalige eenheid in Christus van alle geloovigen, eene éénheid, die alle tijden en alle kerken en alle belijdenissen overspant, het kleinzielig getob van een benepen kerkisme moet sterven en sterven zal, zoodra het een levendgemaakte ziel om de glorie van dezen Christus en om de liefde tot alle medeverlosten te doen is? Dat het niet mogelijk is in dezen zaligen Adventstijd met allen, die het Kindeke gaan aanbidden, optrekkende naar Jeruzalem, zoo'n medepelgrim op den schouder te tikken en hem af te vragen: „broeder of zuster, gij zijt toch wel goed-Gereformeerd en niet Luthersch, zuiver Roomsch of zuiver Protestantsch, want anders mag ik u de hand niet reiken?" God zij geloofd, er staat geen inquisiteur bij de deur van Bethlehems stal, maar dat Kindeke spreekt, óók reeds in Zijn kribbe: „Ik ben de deur der schapen, indien iemand door Mij ingaat, die zal behouden worden, en hij zal ingaan en uitgaan en weide vinden." (Joh. 10 : 9)