is toegevoegd aan uw favorieten.

Een drama in briefvorm

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

opgelost. De pekel wordt nu gegeven bij het voedselrantsoen voor 1 Rbl. per k.g. Honger, ja die zorg raakt men nooit kwijt, dat is ons kruis. De geheele familie, vijf menschen, zijn ondanks allen arbeid niet in staat zich te kleeden en te voeden. Hier, zelfs in het Noorden heerscht een groote hitte. Wat gebeurt er nu in het Zuiden? Daar zal alles wel weer verbrand zijn. God heeft ons tot nu toe geholpen, op Hem stel ik mijn vertrouwen. „Hij zal ook wegen vinden, waarlangs mijn voet kan gaan." Het moest zoo zijn, het moest zoo komen, want de menschheid heeft na den oorlog het gebod der liefde niet opgevolgd. De mensch werd een dier, in het bijzonder hier in Rusland, 1918—1919.

26 JULI 1932.

Hoe goed doen de zendingen, een ware zegen is de hulp, waarlijk mijn Godsvertrouwen heeft zich bewaarheid. Nu nog korten tijd en

God zal u uit de diepte,

Waar u de honger plaagt,

Verlossen tot uw vreugde.

Verwacht dien schoonen tijd,

Dan zult gij eens aanschouwen De zon der grootste vreugd.

Ja, de tijd nadert, hier merkt men het aan alles, want wij, die in den laatsten tijd slechts materieel lijden, bespeuren weer honger. Niet dat men ons ons brood niet wil geven, neen, maar het is er niet. De rantsoenen worden verkleind, men krijgt steeds minder. Visch is er in het geheel niet, met brood komt het vaker voor, dat men niets kreeg, alles van wege de storingen in den toevoer, die weer plaatsvinden.

Ik ben weer eens in groote zorgen, want sedert twee dagen krijgen mijn familieleden inplaats van 400 gram slechts 270 gram brood per dag. Alzoo wordt het in dit opzicht steeds slechter.

De buitenlanders merken echter niet veel, want de