Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK IV.

„Elasticiteit" en „plasticiteit" van het pericardium.

In 1898 beschrijft Barnard 4i') zijn proeven, waarin hij aantoont, dat het pericardium „practicaly inextensible" is. Hij heeft zijn proeven met pericardia van honden en katten verricht. Steeds worden, voor zover ons bekend, deze onderzoekingen als de enige aangehaald, wanneer men de rekbaarheid of elasticiteit van het pericardium bespreekt. Eerst in 1937 heeft Wallraff 50), na op grond van anatomisch en histologisch onderzoek tot de conclusie gekomen te zijn, dat de opvatting van Barnard onjuist moest zijn, voor het pericardium van de mens deze proeven herhaald. Volgens hem is het pericardium opgebouwd uit 3 lagen van gegolfde kollagene vezels. Deze vezels kruisen elkaar onder een hoek, welke afhankelijk is van de plaats en de spanning van het pericardium. Ze worden begeleid door elastische vezels, welke de kollagene vezels doen golven. De lengtevermeerdering van de verschillende delen van het pericardium wisselt bij vrij oude personen van 5% - io°/o tot 11% - 19%; bij jonge mensen liggen de waarden nog wat hoger 51). Volgens Wallraff zijn „Dehnbarkeit" en „Elasticitat" twee begrippen, welke elkaar dekken 52). In normale omstandigheden zal het pericardium in de diastole geheel gerekt worden. („ „Entwellung" van de kollagene vezels; iedere diastole van het gezonde hart is een dilatatie. Van deze tot ziekelijke verschijnselen is slechts een stap 53)"). Argumenten voor deze opvatting voert hij eigenlijk niet aan. De functie van het pericardium „is in de eerste plaats zich aan de steeds wisselende vorm en grootte van het hart aan te passen". Verder „beschermt het pericardium het hart tegen overrekking en vormt dan niet alleen een „Ausgeleich - und Federungs-einrichtung",

4#) H. L. Barnard: l.c.

•r>0) J. Wallraff: l.c. blz. 417.

51) l.c. blz. 396.

52> l.c. blz. 396.

ra) l.c. blz. 356.

Sluiten