Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

LITERATUUROVERZICHT.

In de literatuurlijst worden de meeste publicaties over paratuberculose vermeld; dit overzicht geeft een indruk van de verschillende onderzoekingen in chronologische volgorde, welke gedurende de

laatste eeuw zijn verricht.

Reeds in 1806 werden al bepaalde vormen van diarrhee bij runderen gepubliceerd, welke chronisch en ongeneeslijk waren.

In 1826 werd door Hurtrel d'Arboval gewezen op een verdikking van het darmslijmvlies van dunne en dikke darmen van runderen, gepaard gaande met chronische diarrhee.

Uit berichten van Farrow en Cartwight blijkt, dat de ziekte 100 jaar geleden reeds in Engeland voorkwam.

In 1895 werd voor het eerst de oorzaak van de paratuberculose aangetoond door J o h n e te Dresden en een Amerikaan F r ot h i n g h a m, die met hem samenwerkte. JohneenFrothingh a m vonden in het verdikte darmslijmvlies van een geslachte koe, welke 6 maanden aan diarrhee had geleden, zuurvaste staafjes (gekleurd volgens Ziehl-Neelsen), waarbij deze bacillen in hoopjes lagen en korter en dikker waren dan tuberkelbacillen. Zij kwamen tot de diagnose: Vogeltuberculose of een ziekte door een andere

modificatie van de tuberkelbacil.

Ook R o b e r t K o c h, die van hetzelfde rund materiaal toegezonden kreeg, kwam tot dezelfde conclusie.

De volgende belangrijke publicatie over deze ziekte kwam in 1904 van de hand van Markus. Hij wees er op, dat de ziekte reeds jaren geleden in ons land was gezien door K o o r e v a a r (1901), die nadrukkelijk de aandacht had gevestigd op de verdikte darmen van de aan diarrhee lijdende dieren, terwijl in de overige organen geen noemenswaardige afwijkingen werden gevonden.

Markus vond ook, evenals Koorevaar, de zuurvaste bacillen in verschillende gevallen en wees verder op het nut van onderzoek van rectaalslijmvliesafkrabsel, een nieuwe methode voor het diagnostiseeren van deze ziekte tijdens het leven. Alle infectie-

Sluiten