Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Totale toename van de huiddikte niet minder dan 40 m.M. Buitengewoon sprekende Johnine reacties.

Na de tweede intradermale diagnostische inspuiting zijn de faeces plotseling normaal van uiterlijk en consistentie en de buikholte is meer gevuld. Wij zien dus in dit stadium een vette slachtkoe voor ons, die we zonder kennis van de voorgeschiedenis nimmer zouden verdenken van paratuberculose.

Het rund wordt geslacht op 2 September 1931.

Bij de uitwendige beschouwing blijkt alleen een gedeelte van de dunne darmen een eenigszins verdikten wand te bezitten. Bij openknippen van den darm wordt een normalen inhoud aangetroffen, het slijmvlies van gedeelten van den dunnen darm is verdikt en sterk geplooid. De mesenteriale Iymphklieren zijn matig gezwollen.

Bij openknippen van de lebmaag worden zeer vele, ongeveer centgroote, haemorrhagische erosies gezien; uitstrijkjes hiervan, gekleurd volgens Ziehl-Neelsen zijn negatief.

Uitstrijkjes van den dunnen darm en van de sneevlakte van de mesenteriale Iymphklieren, gekleurd volgens Ziehl-Neelsen, geven veel hoopjes zuurvaste, plompe staafjes te zien. Dikke darm en ileocoecale klep zijn negatief.

De baarmoeder bevat een ± drie maanden ouden foetus. Uitstrijkjes van cotyledonen, vruchtvliezen, vruchtwater, alle organen en de darmen van de vrucht, ook na uitschudden met ligroïne en centrifugeeren, geven wat betreft het vinden van paratuberkelbacillen, een negatief resultaat.

Microscopie.

De dunne darmmucosa is belangrijk gezwollen, in de oppervlakkige laag zijn bijna alle Lieberkiihn'sche klieren verdwenen. Het aanwezige infiltraat bestaat hoofdzakelijk uit epithelioide en enkele mooie reuzencellen. Bij immersievergrooting komen in de volgens Ziehl-Neelsen gekleurde praeparaten, onderscheidenlijk in de reuzencellen zeer veel bacillen en in de epithelioide cellen een enkel staafje te zien. In de diepere lagen van de mucosa en in de onregelmatig verdikte muscularis mucosae zijn veel ontstekingscellen te constateeren en spaarzaam een enkele bacil. In de submucosa van de plooien soms een belangrijk oedeem en infiltraat, aansluitend aan de muscularis mucosae. Ook wordt een

Sluiten