Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

flaauwte vielen, als zij zich in het bed wilden oprigten; met de herigste hoofdpijnen gingen «eer dikwijls walging, uitbraking van galachtige slofl'en, of galachtige diarrhec met kolijkpijnen en lenesmus gepaard. Vele lijders ijlden, en zij , die aan de ziekte kwamen te sterven, leden in de laatste dagen aan algemeene of plaatselijke convulsiën. Een stinkend zweet, eene etterachtige fluimlozing, eene itrina sedimentosa , een geelachtige stoelgang waren meestal critisch; somwijlen ging aan de ziekte een roodachtig, met miliaria overeenkomend uitslag vooraf. De meeste zieken genazen tegen het einde der tweede week, enkelen eerst in de vierde week. Alle teringlijders, die door de ziekte werden aangetast, stierven reeds den oden of Ï5den dag, nadat zij de ziekte gekregen hadden. Dezelve tastte even zeer jongen', als bejaarden, even zeer mannen , als vrouwen, aan; kinderen en vrouwen genazen genoegzaam alle. De dood maaide vele jonge lieden tusschen de 18 en 25 jaren en volwassenen van 40 tot 80 jaren weg. De verzwakkende, de ontlastingen bevorderende methode was algemeen zeer schadelijk. Over het geheel kwam de ziekte onder drie verschillende vormen voor, en wel: óf als eenvoudige Catarrhus, óf als Febris catarrhalismet teekenen van pleuroperi-pneumonie, óf als Febris catarrhalis remillens pemiciosa (bij de meest gegoede klasse). Alleen bij den laatsten ziektevorm was de sterfte aanmerkelijk (1).

Als een vervolg der Influenza van het jaar 1800 kan de Catarrhus epidemicus beschouwd worden , welke zich , reeds in December 1802 , over Engeland, Frankrijk, Italië en een groot gedeelte van Duitschland verspreidde; ook hier was de rigting van het Oosten naar het Westen zeer duidelijk merkbaar. In ons land, waar Dr. H. van den Bosch en anderen de ziekte waarnamen, was zij met algemeene verzwakking gepaard, genas door ligte zweetdrijvende middelen, en scheidde zich door dikke urine, terwijl sterke zweetmiddelen , buik- en bloedontlastingen, zoo hier, als in andere landen, nadeelig werden bevonden. De ziekte, welke Bodel , te Dordt, ligt zinkingachtig vond, werd, door verzuim of ver-

(1) Deze ziekte had veel overeenkomst met die van 1742, welke door Hermans Jucn, in Halleri Disputationes, l. c., Tom. V, p. 295, beschreven is. Zie Gilibert , Resumé des observations des Medecins de Lyon sur la Fièvre catarrhale, qui a ri'gnó dans cette rille en Vendom., Brum. ct Friniaire Van 9 (1800). Uit de recensie der Actes de la Sociéte' de San.'e' dc Lyon, Tom. II, p. 379.

Sluiten