Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK V.

ONDERZOEK BETREFFENDE NON-TRACHOMATEUSE OOGAANDOENINGEN EN BLINDHEID.

Tot deze groep werden alle oogaandoeningen (uitgezonderd het trachoom) gerekend. In hoofdzaak bepaalde ik mij hierbij tot de registratie van de conjunctivitiden, in verband met hunne beteekenis voor het trachoomvraagstuk. Ik wil hierbij herinneren aan de opvatting van Millet en anderen, die het syndroom trachoom willen zien ontstaan in aansluiting aan niet goed behandelde, acute conjunctivitiden. Mac Callan e.a. zien in de conjunctivitiden een soort katalysator voor het trachoom. Van de resteerende oogziekten interesseerden ons verder, gezien de levenswijze der bevolking, de gevallen van oogtraumata en van corpora aliena conjunctivae.

De non-trachomateuse conjunctivitiden werden door ons onderscheiden in:

le. acute (catarrhale) conjunctivitis,

2e. conjunctivitis blennorrhoica,

3e. conj. follicularis,

4e. conj. phlyctaenulosa,

5e. chronische conj. en

6e. andere conjunctivitiden.

De acute conjunctivitis omvatte zoowel de lichte als de zware met subconjunctivale bloedingen en chemosis.

De diagnose werd gemaakt op de gewone conjunctivitis-verschijnselen (min of meerdere afscheiding, verkleving, korstvorming, roode geïnjicieerde conjunctivae palpebrae, gezwollen vooral aan overgangsplooi, conjunctivale injectie, eventueel pseudophlyctaenen nabij den limbus, cornea complicaties, etc.).

Tot de conj. blennorrhoica (gonorrhoica) rekenden we zoowel de floride gevallen als de reeds genezene.

De floride gevallen toonen een stevige oedemateuse pijnlijke lidzwelling, waarbij de oogen niet of weinig geopend kunnen worden, daarbij komen nog de pijnen, etterige afscheiding en cornea complicaties, terwijl alle verschijnselen vrij snel zijn opgekomen. De oudere gevallen stelden we op grond van papillaire hypertrophie, cornea complicaties en de reeds bovengenoemde heftige symptomen in de anamnese.

Sluiten