Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij vermelden voor Soedan 22,85 % en Tunis 47,34 % trachoom van alle oogziekten.

Ticho vond in het ambulatorium in Jerusalem onder 3299 ooglijders 10,1 % actief trachoom, n.1. 6,5 % bij Joden en 27,5 % bij Arabieren.

Zien wij naar de bevindingen in enkele Europeesche landen.

In Budapest vond men aan de universiteits- en staatsoogklinieken in 1928 percentages van 0,93 tot 7,9 (v. Grosz).

In Litauen vond men op de oogklinieken en poliklinieken gemiddeld 21,6 % (13 284 van de 61 529), in Finland was onder alle oogpatiënten aan de Universiteits-oogkliniek in Helsingfors in 1900 ongeveer 11,5 %, 1910 9,5 %, 1920 4,5 % en in 1928 3,5 % trachoom.

Svesnikow vond in de Russische oogkliniek in Zivilsk 52,3 % trachoom (2721 van 5196 onderzochten) en bij vrouwen 13<4 X zooveel dan bij mannen. Hij vond n.1.:

0— 1 jaar 1,06 %,

1— 8 „ 15,2 %, 8—18 „ 19,7 %,

18—40 „ 32,2 %,

40 „ 31,7 %.

LITERATUUR.

Maandverslagen trachoombestrijding in Oost-Tegal en Pemalang in het jaar 1930—1931.

Marsetyo. Maandverslagen trachoombestrijding in West-Tegal, 1931. Bakker en Joesoef. Rapport betreffende een trachoomonderzoek op Java.

Geneesk. T. v. Ned. Ind. 1928.

Wille. Eerste Jaarverslag v. d. Oogkliniek v. h. Leger des Heils te Semarang

(1908—1912). Geneesk. T. v. Ned. Ind. Dl. 54, 1914.

Duymaar van Twist. Jaarverslag v. h. Zend. Hospitaal te Modjowarno.

Geneesk. T. v. Ned. Ind. Dl. 50.

Sosuke Miyashita. Das Trachom in Japan und den Grenzgebieten Chinas.

XIII. Cons. Ophth. 1929. Holl. Symposia.

Remlinger, P. et L. Bernard. Le trachome a Tanger. Buil. de la soc. de

pathol. exot. 17, No. 10, 925—937, 1924.

Ticho. Zur Trachomfrage in Palastina. XIII. Cons. Ophth. 1929. Holl. Symp. V. Grosz. Die Verbreitung und Bekampfung des Trachoms, idem. V. Grönholm. Das Trachom in den nordeuropaischen und Baltischen Landern, idem.

Svesnikow, A. und E. Kleyn. Beitrag zum Trachomstudium nach Materialien der Augenheilanstalt in Zivilsk. (Russisch). Ref. Z. BI. f. d. g. O. Bd. 26, S 615

Sluiten