Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Is de ontsteking slepende geworden , dan raadt Feiler , als een voortref» telijk middel, de tinctur. tliebaica , waarvan men dagelijks tweemalen eenen droppel in het oog moet laten vallen, aan; dezelve vermeerdert wel in den beginne de pijn, maar bewerkt spoedig verzachting. Wij zouden dit middel met een weinig slijm vermengd verkiezel ijker achten , en hetzelve liever meermalen aanwenden, daar de opiiimtinetuur alleen voor het teedere en in eene verhoogde gevoeligheid verkeerende oog noodzakelijk te veel prikkelen moet. Zoo wendde Heyfelder de opiumtinctuur in een afkooksel van de malva aan. Hij zag van de kwikbereidingen in den slependen vorfn dezer ontsteking geen gevolg meer; noglans, voegt hij er bij, is het hem bij zeer weerspannige ophthalmien, waarbij een graauwachlig wit dun slijm afgescheiden werd en de oogleden zeer verslapt waren, somtijds gelukt, door een oogwater met sublimaat of helschen steen den toestand Ie verbeteren. — v. Amsion staat het gebruik van de opiumtinctuur eerst na volkomen geweken ontsteking loe. Om het aaneen kleven der oogleden gedurende den slaap te verhinderen , en de prikkeling voortekomen, die met het openen der oogen gepaard gaat, laat CARMiciiAëL eene uit het ung. citri., ung. hydrargyr. mitius en wng. zïnci. beslaande zalf twee malen daags tusschen de oogleden strijken (cxx).

Om aan de derde aanwijzing te voldoen, moet het oog versterkt worden. SchHffer schreef met dit doel de met water verdunde geest van sal. ammoniak, anderen de zalven uit witte praecipitaat, zinkbloemen enz. voor. Zonder in het algemeen het nut van zoodanige bereidingen te willen ontkennen, maken wij opmerkzaam, dat de diaetetische kuur, de behoorlijke oppassing, het vrijwaren voor uitwendige schadelijke invloeden, zindelijkheid en verwijdering van de voorbeschiktheid beter aan dit doel beantwoorden. Dien ten gevolge zien wij ons dikwijls genoodzaakt, gedurende hel herslellingstijdperk voornamelijk de wedervoortbrengingskracht op te wekken , welke bij langen duur van dezen ziektevorm aanmerkelijk zinken kan. Van hoeveel belang deze raadgeving is, blijkt uit het beloop van de ziekte bij die kinderen, die vroeger zonder borst opgebragt werden , en welke men gedurende de ziekte zoogsters toevoegt.

lfeeft men reden eene syphilitische besmetting te vermoeden, dan moet de kwik ook inwendig worden aangewend, omdat na schijnbare beterschap de kwaal anders ligt terugkeert. De behandeling voor die gevallen is gedeeltelijk vroeger reeds opgegeven, toen wij over de syphilis der pasgeborenen gesproken hebben. — IIatin (1) deed bij een pasgeboren kind , wiens moeder witten vloed en te geiijker tijd syphilitische zweren aan de schaamlippen had , waardoor bij het kind eene syphilitische oogontsteking ontstaan was, den etter bij herhaling afvloeijen, en wasschingen met vlierwater maken; blies dagelijks meermalen calomcl in , en legde twee kleine trekpleisters achter de ooren , waardoor het kind binnen acht dagen volkomen genezen was. Prosper Gassaijd (2) beproefde

(cxx) Tot dit doeleinde alleen achten wij eene dergelijke zamengestelde zalf onnoodig; Samuel Cooper raadt daartoe slechts ceratum spermaceti aan.— In het algemeen noglans zorge men dat de oogzalven verscli bereid zijn en bij langdurige aanwending dikwijls vernieuwd worden. Vert.

(1) Journ. Analytique. Juin 1829. S. 597.

(2) Journ. Analytique. Juillet 1829.

Sluiten