Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ontvellingen aan de genitalia en den aars uit eene syphilitische oorzaak aanneemt, prijst tegen dezelve inwendig het calomel, en uitwendig tot wassching een mengsel uit aq. calcis unc. iv en mercur. sublim. corros. gr. j aan. Eindelijk heeft men ook niet zelden inwendige middelen aanbevolen en aangeprezen , die intusschcn , als nutteloos zijnde, hier niet worden opgegeven. Slechts de zachte ontlastingsmiddelen willen wij ter loops aanhalen , daar deze bij zeer sterk gevoede en volsappigc kinderen, gedeeltelijk als afleidende middelen en gedeeltelijk daardoor, dat zij de vochtmassa verminderen, nu en dan nuttig zijn kunnen. Is de ontvelling het gevolg van eene te vette of ongezonde minnemelk, dan doet men wel, eene andere min te kiezen.

Aanwezige complicaticn en van andere oorzaken afhangende ziekten, b. v. gebreken in de spijsvertering, klierziekte, atrophie, engelsche ziekte enz. worden naar derzelver aanwijzingen behandeld.

b). D: medeëters (comedones). Gewoonlijk worden kinderen in de eerste weken van hun leven , zeldzamer echter nadat zij reeds het eerste levensjaar bereikt hadden, door de medeëlers aangedaan , die men aan donkere punten in de huid erkent, welke eene ruwheid der oppervlakte ten gevolge hebben , en het menigvuldigst in de nabijheid der ooren , aan de schouders , op den rug , en aan de dijen voorkomen. Den naam hebben deze punten sedert de oudste tijden bijbehouden, toen men zich verbeeldde , dat het dieren waren , die aan het kind het voedsel onttrokken, welk geloof zich voornamelijk daardoor schijnt te hebben slaande gehouden , dat gewoonlijk atrophische kinderen daarmede heliebt zijn , weshalve men aan de medeëters de vermagering van het kind toeschreef, ofschoon zij sleehls het gevolg der atrophie zijn, en derzelver oorzaak in de ophooping en verharding van een taai slijm in de cryptae sebaceae van de uitwendige huid hebben (clxvi). liet minst bemerkt men doorgaans de medeëters op die plaatsen , die voor de vrije lucht bloot staan. Drukt men de huid van beide zijden een weinig sterk te zamen, dan kan men de medeëters naar buiten drukken , welke in den vorm van kleine maden van geelachtige kleur met eene zwarte punt aan het bovenst gedeelte, dat men voor den kop hield , te voorschijn komen. De donkere kleur van boven is gedeeltelijk het gevolg van het vuil, dat op de huid gekomen is, of zij hangt van de oxydatie door de lucht af, want oorspronkelijk hebben de punten gezamenlijk een geelachtig voorkomen, en nemen eerst met den tijd eene donkerder kleur aan , van daar dat men op hetzelfde voorwerp medeëters van verschillende kleur ontdekt. Wehdt en Jöbg dwalen beide, wanneer de eerste de meening uit, dat de kwaal in eene verettering der huidkliertjes bestaat, uit welke door aanhoudende drukking een weinig etter kan worden geperst, — en de laatste, wanneer hij het bestaan der medeëters bij atrophische kinderen in den beschreven vorm geheel ontkent, en gelooft dat een slijmig overtreksel der huid, hetwelk

(clxvi) Volgens sommige latere waarnemers nogtans schijnt er werkelijk in het sebnrn van den reeds gevormden comedo niet zelden eene, ofschoon onschadelijke , madevormige parasiet, acarus folliculorum genoemd, gevormd Ie worden , die echter aan den oorsprong der huidziekte , als ook aan de soms plaats hebbende ontsteking en ettering der medeëters geheel vreemd mag worden beschouwd. Vert.

Sluiten