Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verrigtingen van den geest gestoord ; de lijder wordt stompzinnig, knorrig en slecht geluimd, voelt zich onbehagelijk en bijzonder zwak , zoodat de invloed van den in groei toegenomen tuberkel op de willekeurige beweging niet te miskennen is.

De stuiptrekkingen doen nu eens de tegenovergestelde zijde , als zij van drukking , dan weder dezelfde zijde , als zij van hersenprikkeling , of wel al de ledematen aan , als zij van algemeene hyperaemie of algemeene hersenprikkeling afhangen.

Standvastige , op dezelfde plaats bepaalde hoofdpijn en periodieke stuiptrekkingen , gepaard met eenen habitus tuberculosus of bevestigde tuberculosis in andere werktuigen , inzonderheid in de watervaatsklieren , zijn dus bijna onbedriegelijke teekenen van eenen aanmerkelijken hersentuberkel.

Heeft de tuberkel zijnen zetel in de graauwe zelfstandigheid van een halfrond der groote of kleine hersenen, dan zullen er zelden verlammingen ontstaan , of het moest zijn , dat hij door snellen groei en hyperaemien eene drukking op de hersenen uitoefent , naar welke de hersenen zich niet kunnen voegen.

Menigvuldige malen echter zetelt de tuberkel in de beddingen der gezigtszenuwen of in de gestreepte ligchamen. Hij zal dan even als een apoplectische haard aanvallen van beroerte voortbrengen, die meer of minder van eene ware beroerte kunnen worden onderscheiden. Gewoonlijk wordt te gelijk met eene plotseling ontstaande halfzijdige verlamming het bewustzijn volstrekt niet, of slechts voor korten tijd gestoord , omdat de drukking, welke de oorspronkelijk zeer kleine tuberkel op de hersenen in haar geheel uitoefent , slechts zeer onbeduidend is. Spoedig voegen zich ook de gezigtszenuwbedden en gestreepte liochamen naar de onbeduidende drukking van den kleinen tuberkel, en de verlamde ledematen krijgen korten tijd na den aanval hunne bewegelijkheid terug. De geinfiltreerde tuberkel blijft dikwijls maanden , dikwijls jaren lang zijne oorspronkelijke grootte behouden , of groeit zoo langzaam , dat daardoor geene storingen in de

Sluiten