Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(hetgeen volgens Z. E. H. G. hij eene herhaling deivoor (lo eerste maal mislukte operatie somtijds het geval is) en wel eensdeels, omdat de operatie dan gemakkelijker zoude zijn uiltevoeren, en ten anderen om daardoor de vooronderstelde ziekelijke aaneengroeijing te verdeelen. Bouvier heeft dit reeds aangeraden , doch little (94) is juist van een tegen-

leiding van strempel en rmocoFp van oordeel, dat niet alleen bij lijken, welken de pees van Achillts opzettelijk is doorgesneden , slechts een' of twee puncturen in de peesschede aangetroffen worden, zonder dat eene geheele doorsnijding van dezelve heeft plaats gegrepen, omdat zij, wegens hare aanmerkelijke veerkracht aan het mes weerstand biedt, maar dat dit ook bij levenden een standvastig verschijnsel is, hetwelk het voordeel zoude opleveren, dat door het geheel blijven van de peesschede, het bloedextravaat zich niet in het nabijliggend celwijsweefsel kan uitstorten , waardoor eene vergroeijing der nieuwgevormde tusscbenstof met de huid of met andere omringende deelen onmogelijk wordt gemaakt; volgens bouvier en pirogoff is dan ook niet zoo zeer de pees zelve, dan wel hare schede als de zitplaats der regeneratie-verschijnselen aan te merken, daar eensdeels de schede veel eerder veranderd wordt en anderdeels de peesuiteinden ook dan nog door het plastisch Exsudaat verdikt worden, wanneer de vorming der interstitieele zelfstandigheid achterwege blijft. — on ammon en priks houden de peeseinden bij voorkeur voor werkzaam in de formatie der tusschenstof. Volgens den laatstgenoemden vertoonen zich althans op den 8sten dag na de operatie eene tallooze menigte, zeer dunne haarvaatjes, welke aan het bovenste peeseinde van eene slagaderlijke, aan het onderste van eene aderlijke natuur schijnen te zijn. — üubowitski eindelijk beweert, dat althans een gedeelte der peesschede ongekwetst moet blijven, indien eene hereeniging der peeseinden volgen zal.

(94) t. a. pl. p. ig5.

Sluiten